READING

Evolutie, ja, maar wat geloof je dan? #Lazarustour

Evolutie, ja, maar wat geloof je dan? #Lazarustour


We beginnen alvast online met onze Lazarus 7keer7 tour 2017 en praten over een paar weken graag offline met je verder. Vandaag deel 1: ‘Evolutie, ja, maar wat geloof je dan?’ Reinier doet een voorzet. 

Ik herinner me niet dat ik ooit geloofd heb in een zesdaagse schepping. Misschien als kind. Maar voor een kind is alles letterlijk en niets letterlijk tegelijk. Je denkt gewoon niet na over de vraag hoe-het-dan-precies-is-gegaan.

Daar komt bij dat ik in de gereformeerd-vrijgemaakte traditie ben opgegroeid, en daar is altijd ruimte geweest voor andere visies. Op mijn gereformeerd-vrijgemaakte basisschool werd al gewaarschuwd voor biblicisme: een al te letterlijk lezen van de Bijbel, en ik herinner me dat de juf van groep 5 of 6 op de muur een grote tijdlijn van de wereldgeschiedenis op de muur had geplakt (begin jaren 80) die begon met een vraagteken en daarna ‘10.000 v.Chr.’ en zo verder tot ‘nu’. Ze wist niet precies hoe oud de aarde was, maar zeker ouder dan de 6.000 jaar die de biblicisten claimen.

Op de gereformeerd-vrijgemaakte middelbare school werd ik bevriend met een al even grote nerd als ikzelf en hoorden we via-via over creationisme. Daar werd wat afstandelijk over gesproken. Mijn vader, zelf natuurkunde-docent, zag het als een importproduct, vergelijkbaar met hamburgers: fastfood voor de hongerige geest, maar iets wat niet beklijft.
En inderdaad, zodra de evolutietheorie opkwam hebben gereformeerde denkers een wat dubbelzinnige, zoekende positie getoond (Kuijper en Bavinck wezen het zeker niet af) en de soms felle afwijzingen volgden pas nadat ideeën uit het Amerikaanse fundamentalisme waren geïmporteerd (lees: nadat de evangelische beweging in de jaren 50 hier opkwam).

Ik herinner me dat ik met die vriend een lange briefwisseling onderhield waarin we (ja, met pen en papier) discussieerden over de evolutietheorie. Ik nam, als vorm van spel, de positie in van de creationist, hij die van de gelovige evolutionist. Hij won glansrijk.
In mijn debuut Jutten aarzel ik nog wat, merk ik als ik het teruglees, en je vind er een paar sporen terug van intelligent design-denkbeelden. Later, toen ik er een meter boeken over had gelezen, en vooral toen ik prof. dr. Cees Dekker er uitvoerig had gesproken, werd ik ondubbelzinnig christen-evolutionist.

Het is niet of-of, ik ben een combinatie


Ik vertel dit, om te illustreren dat de discussie niet uit twee kampen bestaat, hoewel dit wel zo kan lijken. Het is niet óf gelovig en dan creationist, óf atheïst en dan evolutionist. Ik zelf ben altijd een combinatie tussen die twee geweest (gelovig én evolutionist) en de meeste mensen zitten ergens tussenin.

Het zijn vooral de beide uitersten in de discussie (de drammerige creationisten versus de drammerige atheïsten) die doen alsof het of-of is. Het is net de politiek. Soms denk je ook dat alles Geert Wilders versus Sunny Bergman is. Maar nee, bijna iedereen zit er ergens tussenin. Dat of-of is begonnen bij een paar chagrijnige atheïsten in de 19e eeuw: zij zagen in de evolutietheorie de dood van de religies. Creationisten waren enorm van dat of-of onder de indruk, hadden er geen intellectueel verweer tegen, en namen dat over.

Met desastreuze gevolgen. Er groeien miljoenen kinderen op die daardoor schitterende ontdekkingen over Gods natuur mislopen (bij een creationistische opvoeding) of elk religieus commitment minachten (bij een atheïstische opvoeding).

Ik heb bijvoorbeeld diverse jongeren gesproken die op de biblebelt opgroeiden, daar de flauwekul van een krantje als Weet! moesten slikken, maar vervolgens gingen studeren en daar de volstrekt overtuigende bewijzen voor evolutie zagen. Omdat hen altijd was wijsgemaakt dat het of-of is, zetten ze dat af tegen de argumenten voor hun Godsgeloof, en die waren natuurlijk minder tastbaar; het is tenslotte ‘geloof’. Dus bleef de evolutie en ging het geloof overboord. Zo zijn de creationisten medeplichtig aan de secularisatie: de duizenden die door de achterdeur verdwenen en de duizenden die nooit door de voordeur kwamen.

Letterlijk lezen hoeft niet

Het kan anders. Het hoeft nauwelijks consequenties voor je geloof te hebben, als je de evolutietheorie tot je laat doordringen. Het is gewoon een theorie over hoe soorten zich ontwikkelen. Punt. Zoals er duizenden theorieën zijn over hoe iets werkt. Als ik leer hoe cellen zich splitsen, wankelt mijn geloof ook niet, evenmin als ik hoe de zwaartekracht in elkaar zit, enzovoorts. Een wetenschappelijke theorie vertelt mij gewoon hoe de werkelijkheid hoogstwaarschijnlijk functioneert. Het is een misverstand over de reikwijdte van wetenschappelijke theorieën, als dat een bedreiging is voor je geloof.

Simpel gezegd: theologie en filosofie gaat over waarom, wetenschap gaat over hoe.

Er is in het christendom altijd discussie geweest over hoe de schepping precies werkte. Augustinus en later ook veel middeleeuwse denkers veronderstelden dat het in een split second gebeurde en dat de structuur van zes dagen later door de schrijvers was toegevoegd om het begrijpelijk te maken, zoals God in de Bijbel ook handen, voeten en dergelijke heeft. Toch gelooft niemand dat je dit letterlijk moet lezen.

Er is geen discussie over dat we geschapen zijn, wel over hoe precies. Dat past bij de meeste intern-christelijke debatten: er is geen discussie over dat Christus is gestorven en opgestaan, wel over hoe precies en wat het betekent, enzovoorts. De verschillende interpretaties gaan in golven. Een tijdje is inderdaad de ‘echt letterlijk zes dagen’-lezing populair geweest, je merkt nu dat dit creationisme zijn slechtere dagen heeft.

Dat komt omdat de overgang voor de meeste christenen niet zo groot is. De evolutietheorie heeft in het dagelijkse leven weinig invloed. Dat kun je al merken als je je simpelweg afvraagt waar je deze theorie vandaag bent tegengekomen. Waarschijnlijk nergens. Hooguit in een stukje in de krant. Intussen ben je wel de resultaten van duizenden andere theorieën tegenkomen en heb je die gebruikt: alleen al toen je incheckte in het openbaar vervoer kwamen daar de gevolgen van tientallen wetenschappelijke ontdekkingen in mee.

Ook hoeven christenen nauwelijks de Bijbel anders te lezen. Ik noemde al dat we sowieso talloze teksten figuurlijk lazen. Niemand leest Hooglied letterlijk, de gelijkenissen, de profeten, de psalmen, de duizenden metaforen. Iedereen beseft dat dit beelden zijn die voor iets anders staan. God is niet letterlijk een rots, dat is alleen een beeld om iets duidelijk te maken.

Voor de meeste christenen betekent het accepteren van de evolutietheorie weinig anders dan dat ze nóg een bladzijde in de Bijbel figuurlijk gaan lezen. Verder heeft het geen enkele merkbare invloed op hun leven.

Schepping is waar je op stuit als je maar blijft doorvragen

Snel daarom door naar de betekenis van het geloven in een Schepper en een schepping, want dat is vele malen interessanter en belangrijker. Het gaat om het dát, niet om het hoe.

De ‘leer van de schepping’, zoals het keurig in de dogmatiek heet, doet denken aan het waarom dat kleine kinderen vragen, en wat veel volwassenen zijn vergeten, behalve als ze wetenschappelijk of filosofisch zijn ingesteld. Een kind kan aan een ouder eindeloos waarom vragen. Uiteindelijk zegt de ouder gefrustreerd: daarom!

Welnu, ‘de leer van de schepping’ gaat over die laatste waarom, vlak voor het daarom. Het daarom, dat is God. Het laatste waarom, dat is de schepping.

Schepping is waar je op stuit als je maar blijft doorvragen. Het gaat over de finale antwoorden. De antwoorden-waarachter-geen-antwoorden-meer-zijn. Niet over een debat-op-de-vierkante-millimeter over of het nu in zes dagen was en of ‘dagen’ misschien ‘duizend jaar’ betekent, of zoiets. Het gaat over kwesties als: wat draagt deze werkelijkheid? Wat zit overal achter? Wat is de zin van dit leven? Vooral daar, bij die laatste vraag, want de zin van je leven is, daar wordt het spannend en relevant.

Geloven dat alles geschapen is, betekent in
de praktijk: geef nooit op

Op die ‘ste’-vragen (wat het grootste, laatste, eerste enzovoorts is) worden diverse antwoorden gegeven. De een zegt dat je uiteindelijk op niets stuit. Op toeval. Op een lot. Een ander zegt dat je er niets over kunt zeggen – wat in zichzelf al een gigantische uitspraak is. In dit grote debat over de ‘ste’-vragen, dat we wereldwijd en sinds mensenheugenis voeren, zeggen de meeste religieuzen: uiteindelijk stuit je op een Schepper.

Daarin merk je al meteen hoe direct relevant het kan zijn in je dagelijkse leven, om te geloven in een schepping. In elke ervaring kun je voortaan zeggen: als ik lang genoeg doorvraag, kom ik uit bij een Schepper. Als ik lang genoeg doorgraaft, stuit ik op God. Als je lang genoeg doorzoekt, vind ik een Oneindige Liefde.

Dat betekent niet dat alles dan liefdevol is, of van God komt. Ook niet dat het ‘uiteindelijk’ van God komt, wat daar ook mee bedoeld mag worden. Geloven in een schepping is wel een uitnodiging (geen opdracht) om in elke situatie, hoe complex en doods ook, te zoeken naar een bron van het goede. Niets en niemand is volledig slecht of verloren. Overal zijn sporen te vinden die zich kunnen ontvouwen tot nieuw leven.

Geloven dat alles geschapen is, betekent in de praktijk: geef nooit op. Overal zijn beginnetjes van het goede te vinden. In elke situatie is hoop te ontdekken. Er bestaan geen hopeloze gevallen.

Jezus is de oerstructuur

Het kan hierbij helpen over Jezus na te denken. De kern van het christendom is dat Jezus de beste informatie biedt over God. Ik zeg het misschien wat vervreemdend, maar ik formuleer het zo om zo veel mogelijk ‘soorten’ christenen in te sluiten. Wat mij betreft zeg ik hetzelfde als bijvoorbeeld dat Jezus ‘Gods enige zoon’ is en ‘Woord van God’.

Wat ik bedoel dat het christendom staat of valt bij de overtuiging dat je nergens zo diep in de geheimen van God kijkt als bij Jezus. Veel religies geloven in een enkele God of tenminste in een Schepper, met misschien nog een hele reeks afstammende goden en godinnen. In dat geloof dat God alles draagt vinden moslims, joden, christenen en hindoes elkaar en nog tientallen kleinere religies – een overgrote meerderheid van de mensheid momenteel zelfs.
Wat christenen in dit grote debat over de laatste vragen vooral onderscheidt, is dat ze Jezus zien als de een soort ‘wormgat’ naar de hemel, een soort ‘telescoop’ naar God. Al deze religies hebben een situatie of persoon waar de Schepper het meest nabij is, een ‘Jezus’ dus, en de ‘Jezus’ van christenen is, nou ja, Jezus dus.

Deze basisovertuiging, dat God nergens zo nabij is als bij Jezus, kan veel ideeën ontsluiten. Het betekent in de praktijk dat als je waarom vraagt, je al vrij vroeg stuit op het antwoord: Jezus. De levensgeschiedenis van Jezus bevat beslissende clous voor hoe je de grootste vragen benadert. Daarom werd hij al meteen ‘Woord’ en ‘Wijsheid’ genoemd: verstrekkende begrippen, die je om de gevoelswaarde van destijds te merken, ook kunt vertalen als: ‘oerstructuur’. Jezus is de oerstructuur.

Het helpt om je concreet voor te stellen dat Jezus erbij was, bij de schepping. Hoe zou hij zich hebben opgesteld? Wat zou hij ervan hebben gevonden? Wat zou hij het liefste hebben geschapen?

Zo’n speelse fantasie ligt dicht bij het christelijke geloof in een Drie-eenheid. God manifesteert zich op diverse manieren, die je tot drie oervormen kunt terugbrengen: creëren, voorgaan, herstellen. Dat is Vader, Zoon en Geest. Anderen zullen weer andere werkwoorden noemen: dragen, ontmoeten, inspireren, bijvoorbeeld. De ‘leer van de Drie-eenheid’ is altijd een uitnodiging geweest om gul over God te spreken en een grote veelheid aan verschijnselen met hem in contact te brengen.

Concreet betekent het dat je bij Jezus iets kunt ontdekken over de diepste redenen van het bestaan. Ging hij liefdevol met mensen om – is liefde dan waar we uit voortkomen? Was hij open voor alle soorten mensen – zijn alle mensen waardevol en bedoeld? Werd hij gekruisigd en stond hij op – hoort het proces van sterven en vernieuwen misschien bij het leven zelf?

Wie ben ik en wat is de zin van mijn leven?

Ik noemde zojuist in het rijtje vragen waarover de ‘scheppingsleer’ gaat, bewust niet de vraag: waar kom ik vandaan? Dat is wel degelijk een vraag waar mensen mee kunnen worstelen: denk aan al die afleveringen van Spoorloos, waar geadopteerde kinderen zoeken naar hun ouders. Expats en immigranten kunnen zich ontworteld voelen: veel van de huidige problemen met immigratie komen door ons verlangen naar roots en het gemis aan antwoorden daarop.

En soms stellen we ook wel vragen die verder gaan. Waar je ouders dan vandaan komen, en waar zij, enzovoorts. De grote feesten in samenlevingen vieren vaak lang vervlogen gebeurtenissen en helden, die toch op de een of andere manier vandaag nog inspireren. History Channel en National Geographic blijven maar eindeloos de series over Hitler uitzenden, omdat we ons aan die geschiedenis blijven spiegelen. En bij speciaalbiertjes – of welk merk dan ook waar authenticiteit een rol speelt – wordt ook telkens het ontstaan verteld, en hoe ouder hoe beter.

Soms gaan de vragen en antwoorden nog verder terug. Dan worden bepaalde vrouwelijke trekken verklaard uit het het (overigens op zichzelf twijfelachtige) feit dat zij vooral de verzamelaars zouden zijn geweest, en bepaalde mannelijke trekken uit dat zij vooral de jagers waren (al even twijfelachtig). Of nog verder terug, dat we als homo sapiens een soort combinatie lijken van chimpansee-achtige voorouders en bonobo-achtige voorouders.

(Even tussen haakjes terugkerend waar ik begon: nee, we stammen niet af van de ‘apen’, omdat toen onze tak zich afsplitste er nog geen ‘apen’ waren, maar alleen voorouders daarvan. Vaak wordt daar in creationistische kring wat schamper over gedaan: het zou vernederend zijn van de ‘apen’ af te stammen. Dat snap ik niet. De aap-achtigen zijn prachtige dieren: het lijken me waardige voorouders, zeker als je beseft dat er nog twee miljoen jaar evolutie is gevolgd. Bovendien zegt Genesis dat we uit het ‘stof’ zijn gemaakt: ook waar, maar dat is bepaald geen verheffende voorouder.)

Mijn punt is dat al dat vragen naar je afkomst, onderdeel is van een grotere vraag: wie ben ik en wat is de zin van mijn leven?

Dat merk je al bij immigranten: zij stellen de vraag naar hun afkomst alleen om te begrijpen hoe zij nu in het leven kunnen staan en wie zij hier zijn. Je afkomst levert daar geen uitputtend antwoord op, maar kan daarin wel beslissend zijn. Het is een van onze bronnen van identiteit. Daarom moet het bij de ‘leer van de schepping’ uiteindelijk altijd gaan over: de zin van het leven, van jouw leven, hier en nu. Daarom dat nu.

God is geen mannetje in een of andere lege ruimte

Geloven dat je geschapen bent, betekent dat je je voorstelt dat God ooit alles was. Hij vulde alle werkelijkheden. Stel je God in elk geval niet voor als een mannetje in een of andere lege ruimte. Hij was alles wat er was en meer was er niet. Je kunt je een sprankelend, zacht licht voorstellen dat eindeloos doorgaat. Een eeuwige oceaan van bruisend en genoeglijk water.

En toen maakte God ruimte in zichzelf. Dat is schepping: ruimte maken in jezelf. Een begrip uit de Joodse mystiek, zimzum (ook wel gespeld als tsim tsum) drukt dit uit en veel christelijke theologen hebben dat sindsdien overgenomen. Je opent jezelf en daar ontstaat iets nieuws, iets anders, iets tegenovers. Ik stel me voor dat in dat in dat eindeloze licht ergens een wat donkerder bolletje groeit: de oerknal, ons heelal, wij. Een belletje, ergens in die eeuwige oceaan. En misschien wel miljarden belletjes: miljarden heelallen en nieuwe werkelijkheden, allemaal uniek.

Dus weer: God is niet een mannetje in een heelal. Het is precies andersom: het heelal is een belletje ergens in God.

De ‘leer van de schepping’ stelt de vraag waarom God zoiets eigenlijk zou doen. God was volmaakt en vulde alles. Als hij iets nieuws zou maken, zou dat per definitie onvolmaakt zijn. Waarom zoveel onrust, zoeken, misschien wel tragiek en dood voortbrengen?

Gedacht vanuit Gods volmaaktheid, kan dit geen foutje zijn, laat staan kwaadaardige opzet. Het moet voortkomen uit zijn liefde. Een mogelijk antwoord is dat de hoeveelheid lijden en de risico’s daarop niet in de schaduw kunnen staan van de hoeveelheid plezier en de kansen op leven. God wilde het geluk dat hij in zichzelf had (of met elkaar, gedacht vanuit de Drie-eenheid) vermenigvuldigen en delen, en creëerde daartoe wezens. Daarbij hoorde onvermijdelijk onvolmaaktheid, maar dat zou er niet tegenop kunnen wegen. De liefde, het plezier, het geluk zou altijd meer zijn.

Een beeld dat Augustinus hierbij gebruikte is dat God overstroomde van liefde en zo de werkelijkheid maakte: als mogelijkheid om nog meer ruimte te geven aan zijn liefde. Hij had niets nodig, hij ‘moest’ ook niets, maar vanuit een spontaan plezier en een diepe gulheid schiep hij dit heelal – en misschien dus nog wel miljarden andere.

We zijn hier om te bloeien

Een clou moet liggen in ons ‘anders-zijn’. God wilde iets voortbrengen dat niet hemzelf al was. God zelf was alles al. Dan moet de zin van ons bestaan liggen in het feit dat wij niet God zelf zijn, maar anders dan God zijn. Daarover kun je verder denken. Wat is er zo bijzonder aan ‘anders-zijn’? Iemand die anders dan jij is, verrast je bijvoorbeeld. Gaat met je in gesprek. Moet je voor je winnen, overtuigen, verleiden. Een ander is een avontuur.

Daarin kun je allemaal redenen zien voor ons bestaan. Ik ben zelf geneigd het zo dicht mogelijk bij dat ‘anders-zijn’ te houden. De zin van ons bestaan is onszelf te ontdekken, onszelf te worden. De zin van ons bestaan is zo diep mogelijk te leven. De zin van ons bestaan is te bloeien.

Dat ene woord vat samen hoe ik erover denk. Daarin laat ik me vormen door de geschiedenis van Jezus, die – zoals gezegd, denk ik – een toegang is tot de diepste werkelijkheden. Ik zie hoe mensen opbloeiden in de buurt van Jezus. Dat gebeurt in elk verhaal, elk van de zo’n 140 die we hebben over zijn leven. Mensen gaan meer leven. Mensen worden vrij. Mensen worden zichzelf. Als dat iets zegt over God, is dat dit blijkbaar de bedoeling is. Daarom zijn we hier.

Jezus vraagt iedereen die we ontmoeten lief te hebben als onszelf. Dat is andere taal voor: bloei en laat bloeien. Dat is de zin van je leven: bloeien en te laten bloeien.

Het leven in al zijn kloterigheid en schoonheid ontdekken

Kwaad is: verdorren en te laten verdorren. Je bent hier op aarde om het leven in al zijn kloterigheid, volheid, rijkdom en schoonheid te ontdekken, onderzoeken, ervaren, verspreiden.

Je bent hier om situaties te scheppen waarin jijzelf en anderen voller kunnen leven. Overal waar jijzelf vrijer wordt of anderen helpt vrijer te worden, overal waar jijzelf gelukkiger wordt of anderen helpt gelukkiger te worden, enzovoorts, daar leef je volgens je bedoeling, en daar heb je God, de Schepper, lief.

Dat betekent het om te geloven dat je geschapen bent: dat als je doorvraagt en doorzoekt, je uiteindelijk niet stuit op leegte, op zinloosheid, op niets, maar op een eeuwige, liefdevolle God. Elke situatie bevat daarom zaadjes voor schoonheid, goedheid, waarheid. Elk leven is daarom waardevol. En jij bent hier om die grote waarde van het leven te vieren, te onderzoeken, te koesteren, te verzorgen en door te geven.


Evolutie & schepping tijdens de Lazarus 7keer7 tour

Wil je hier meer over weten? Tijdens de Lazarus 7keer7 tour besteden we een avond aan dit onderwerp en gaan we er met deskundige sprekers op door. Blijf op de hoogte en meld je hier aan.  


Meer lezen over dit onderwerp?

  • Buiten Nederland is BioLogos the place to be: een actieve website vol intelligente, gelovige teksten over wetenschap.


  • Ellen Goslinga

    Fantastisch geschreven artikel. Daar heb ik wel een paar dagen voor nodig om goed te laten vallen. Bedankt!

    • Reinier Sonneveld

      Thnx! Het had ook wel een tijdje nodig om geschreven te worden 🙂

  • Henk Karssenberg

    Over letterlijk nemen: Een kind snapt al, dat Jezus niet letterlijk een deur is of een weg of brood. Dat hoeft ons echt niet uitgelegd te worden.
    Maar als Adam niet werkelijk geleefd zou hebben en een bepaalde leeftijd zou hebben dan is de Heilige Schrift, het Woord van God onbetrouwbaar en misleidend. Mogen we alstublieft wel letterlijk nemen wat zich als zodanig aandient in de bijbel?
    Dit artikel draait wat mij betreft om het fundamentele punt heen: Is de Heilige Schrift het Woord van de levende drieënige God? Of is het een neerslag van wat gelovigen van voorheen hebben ervaren en bedacht?

    • Mark Eikema

      “Is de Heilige Schrift het Woord van de levende drieënige God?”

      Nee, dat is Jezus. De bijbel het Woord van de levende God noemen is blasfemie.

      • Reinier Sonneveld

        Ik duik even weg achter de grote rug van Mark 🙂

        • Mark Eikema

          Shit, doe ik het weer?

          • Reinier Sonneveld

            🙂

        • Henk Karssenberg

          Betekent dat, dat u het ook blasfemisch vindt is om de Bijbel het Woord van de levende God te noemen?
          Ik zie best wel verschil. Het isgelijkteken moeten we niet letterlijk 🙂 nemen. Maar volgens onze hoogste profeet zijn het de Schriften, die van Hem getuigen. Dus het is toch niet zonder dringende reden, dat we een =-teken zetten tussen Jezus en het Woord van God.

      • Henk Karssenberg

        Jezus is inderdaad de vleesgeworden eeuwige Zoon van God, die er al was voor de grondlegging van de wereld.
        De Heilige Schrift is het in de tijd geopenbaarde plan tot redding van de wereld nadat Adam en Eva in zonden waren gevallen.
        Ik zie echt wel het verschil.
        Maar om het leggen van een relatie tussen beide nu blasfemie te noemen? Jezus zelf verwees vaak in zijn onderwijs vaak naar historische mensen als Adam, Noach, Jona, enz. Hij beriep zich, ook in het gevecht met de duivel op de Heilige Schrift. Weten wij het beter dan Hij?

        Ik hoop ook nog een reactie van Reinier Sonnevelt zelf te krijgen.

        Op 27 mrt. 2017 07:11 schreef “Disqus” :

        • Reinier Sonneveld

          Het gezag van de Schrift is niet in geding, het gaat hier louter om de interpretatie ervan, en daarin verschillen we kennelijk, maar dat is heel gebruikelijk onder christenen en levert vaak ook veel op.

          • Henk Karssenberg

            Ik had graag gezien, dat u duidelijk afstand nam van de uitspraak van Mark Eimers over blasfemie.
            Volgens mij is het gezag van de Schrift wel degelijk in geding. Onze hoogste Profeet beschreef de werkelijkheid zoals die zich voordeed. Zoals wij dat ook doen. ‘De zon gaat op, gaat onder.’ Niemand zal zich bedrogen voelen als later blijkt dat het ingewikkelder ligt.
            Maar hoe leg ik aan mijn (klein)inderen uit, dat Adam en Eva misschien niet de eerste mensen waren? En moeten we dan ‘de rest’ nog wel geloven?

          • Mark Eikema

            Blasfemie was wellicht een al te boude uitspraak. Mijn excuses daarvoor. Wel blijf ik sterk van mening dat de bijbel “Woord van God” noemen geen recht doet aan wat de bijbel is.

            “Maar hoe leg ik aan mijn (klein)inderen uit, dat Adam en Eva misschien niet de eerste mensen waren? En moeten we dan ‘de rest’ nog wel geloven?”

            Dat zijn uitstekende vragen, en wellict is dit niet de plaats om daarover in gesprek te gaan omdat het nogal wat ruimte vergt. Ik wil trouwens niet zeggen dat ik hét antwoord daar op heb. Maar zeker vertel ik mijn kinderen niet dat Adam en Eva de eerste mensen waren. Wel dat Jezus daadwerkelijk is opgestaan is en een nieuw koninkrijk heeft geinaugureerd, in vervulling van het verhaal van Israël.

          • Reinier Sonneveld

            Ik ga je citeren in mijn volgende essay 🙂 Allemaal in den minne hoor. En die vraag over Adam en Eva komt, als het goed is, later deze week aan de orde.

          • Haak

            ‘maar zeker (sic!) vertel ik mijn kinderen niet dat Adam en Eva de eerste mensen waren’…. Wat een zekerheid straalt hier uit! Op grond waarvan eigenlijk? Hele generaties christenen zijn eeuwenlang en wereldwijd opgegroeid met de uitleg van hun ouders over het eerste mensenpaar. Hoe je het draait of keert, de boodschap van de bijbel is wel degelijk dat er eerst een mensenpaar was dat… Ook gesteld dat (wat ik niet geloof) dat dat verhaal een ‘mythische’ inkleding is, dan nog ontneem je de inspiratie die juist van dat verhaal uitgaat aan je kinderen. Dan moet je ook maar niet praten over Jezus die als laatste Adam wordt getekend. En ik neem aan dat zoiets niet je bedoeling is.

          • Tim van Iersel

            Beste Haak, mooi gesproken. Ik kan me de kanttekeningen die jij en Henk Karssenberg bij het verhaal van Reinier plaatsen goed voorstellen. In feite leggen Reinier en Mark inderdaad het gezag van de Schrift met betrekking tot de historische werkelijkheid (wat is er nou werkelijk gebeurd in het verleden?) in de waagschaal. Als je je vervolgens realiseert dat die historie doorwerkt in het heden (of juist niet als het dus niet letterlijk waar blijkt te zijn), dan snap je dat de Bijbel hier eigenlijk in z’n geheel wordt ondergraven als Goddelijke Openbaring met relevantie voor het hier en nu.

            Voor mij, en blijkbaar ook voor jullie, is het ondoenlijk om deze twee ballen tegelijkertijd in de lucht te houden:

            1. De Bijbel is het perfecte, te allen tijde geldige Woord van God.
            2. De interpretatie van het Woord van God is volstrekt tijd- en cultuurgebonden en verandert aan de hand van wetenschappelijke en andere nieuwe inzichten.

            Als je dat wel kan moet je, vroeg of laat, concluderen dat God er voor heeft gekozen om nogal verwarrende mythen de wereld in te brengen, die door latere generaties uiteindelijk dus moeten worden ‘geherinterpreteerd’. Vergis je niet: dat komt neer op regelrecht afwijzen en een volstrekt andere theorie daarvoor in de plaats stellen, onder dezelfde verpakking. Het is een fundamenteel verschil of God de mens 6000 jaar geleden uit stof en ribben heeft gemaakt naar Zijn evenbeeld, met zondeval en al, of dat Hij de mens heeft laten ontstaan door een proces van evolutie door natuurlijke selectie. De evolutieleer (voor diegenen die er echt in geïnteresseerd zijn) reikt veel verder dan menigeen denkt. Het heeft implicaties voor de geneeskunst, maar ook voor het menselijk brein en de menselijke psyche (lees Darwin er maar op na). Evolutionaire psychologie is booming in de wetenschap, ook voor religieus geloof worden verklaringen gezocht (en tot op zekere hoogte gevonden) met behulp van dit model.

            Ik heb het al vaak geprobeerd te geloven, maar ik kan het gewoon niet. Het is voor mij simpelweg te onwaarschijnlijk dat een almachtige, alwetende God zich in het uiten van Zijn Woord zo liet beperken door het extreem beperkte referentiekader van duizenden jaren geleden. Daarbij nam Hij op de koop toe dat vervolgens millennia lang(!!!) verwarring bestond over in hoeverre het allemaal klopte.

            Dat terwijl het -kinderlijk- eenvoudig was geweest om evolutie door natuurlijke selectie in zo’n scheppingsverhaal te vatten. Even te vermelden dat de aarde miljarden jaren oud is. Om even aan te tekenen dat hekserij en toverij niet echt bestaan, dus we hoeven heksen niet te verbranden. Even een openbarinkje ergens dat ziekten worden veroorzaakt door voor het blote oog onzichtbare micro-organismen, niet door heksen, of gebrekkig geloof. Hadden niet miljoenen mensen onnodig hoeven sterven aan simpele medische onwetendheid. Dat mensen niet echt eeuwig zullen branden in de hel. Effe melden dat slavernij toch maar beter afgeschaft kan worden. Nog mooier: even aangeven HOE de Bijbel geïnterpreteerd moet worden en HOE NIET. Niemand koopt dat eindeloze getouwtrek over interpretaties van ‘Goddelijke’ teksten, het is wat mij betreft een volstrekt failliete onderneming. Nee, ik heb God niet gevonden in de Bijbel. Hoe meer ik zoek, hoe gefrustreerder ik raak. Ik geef het op. Het is allemaal mensenwerk. God zoek ik ergens anders.

          • Haak

            Beste Tim van Iersel, Dank voor je uitgebreide verklaring. Het gaat er niet om om elk woord van je verhaal nu even door te spreken, maar vooral om je laatste zin, die ik mogelijk (en naar ik hoop) verkeerd heb begrepen: ‘je zoekt God niet meer’… Is dat aa) een statement voor een hypothetische bijbellezer die er helemaal geen eind meer aan weet als uitloper van je verzuchtingen bij de herinterpreterende manier van bijbellezen, of (en dat hoop ik niet) bb) je eigen slotsom, dat je er de moed bij hebt opgegeven. Mocht bb) bedoeld zijn, dan zou ik je indringend willen vragen om toch wel vol te houden God te zoeken. Hij heeft zich zonneklaar in Christus geopenbaard, en daar vindt hij jou. Zou het niet meer een kwestie zijn van dat je je ook laat vinden? Ik draag je op in mijn gebed. NU.

          • Tim van Iersel

            Haak, dank voor je reactie. Als Gods Woord al multi-interpretabel is, dan zijn mijn woorden dat zeker :p Ik geef toe dat, op persoonlijk vlak, mijn geduld op begint te raken met de God van de Bijbel. Zelfs Jezus, met alle wijsheid die aan hem wordt toegeschreven, verandert daar niets aan. Ik ken Jezus namelijk niet, en hij mij ook niet. Het enige wat ik ooit van hem heb gezien zijn plaatjes en teksten. Veel van die teksten zijn erg wijs en erg nuttig. Maar dat Jezus nu nog op een bepaalde manier rondwaart? En dat God zich zonneklaar in hem heeft geopenbaard? Ik zie geen reden om dat te geloven op basis van eeuwenoude teksten. Ik wil bewijs zien op de goddelijke, zonneklare manier zoals je dat zou verwachten van de God waarvan wordt beweerd dat Hij bestaat. Als deze tekst nu op deze website verschijnt in de derde taal die ik spreek (God zal weten welke taal dat is, mijn vrienden ook), dan wordt het interessant. Ik heb Hem al talloze van dit soort uitnodigingen gedaan, maar nog nooit een fatsoenlijke repliek gekregen. Een relatie moet van twee kanten komen. De theologische uitvluchten (God is mysterieus, niemand kent Zijn wegen, God mag je niet testen) accepteer ik niet, dat is overduidelijk obscurantisme. Ik sta voor twee mogelijke conclusies: 1. God wil geen relatie met mij aangaan 2. Er bestaat überhaupt geen God waarmee ik een relatie kan hebben. Hoe dan ook, ik ga binnenkort een punt achter dit onderzoek zetten.

          • Haak

            Dank Tim, voor je heldere antwoord. Ik denk nog wel dat het geduld van God met jou groter is dan omgekeerd. Ik denk niet dat hij gaat reageren op de manier die jij van hem verwacht. Waarom zou hij naar onze pijpen moeten dansen? Je zult hem zeker ontmoeten, vroeg of laat. Intussen hoop ik dat je zult merken dat het ‘binnenkort’ van jouw beslissing een punt te zetten lang zal duren, en dat het voor die tijd duidelijk wordt dat God al lang in je leven aanwezig is. Geve hij dat je ogen er voor worden geopend. Groeten & zegen.

          • Hi Tim. Mag ik voor het gemak aannemen dat je een godsdienstig opvoeding hebt gehad met bijbelverhalen en alles er op en er aan? En dat je daar nu best gefrustreerd over bent? Allereerst: dat is prima en daarin sta je zeker niet alleen. Voor mij helpt het enorm om eerst samen vast te stellen dat de hele bijbel mensenwerk is. Ooit heeft iemand de verhalen opgeschreven: via ervaring, geschiedschrijving, poezie of verbeelding. Oorsprongsverhalen hebben een sterk ‘mythisch’ karakter wat gewoon een stijlvorm is om betekenis te geven aan het leven nu: waarom leven we hier? wat is goed en wat is kwaad? Wat is onze plek in het verhaal en wat moeten we doen? Het kan je misschien helpen om de bijbel niet te lezen als een boek waarin de schrijver een helicopterview heeft over de hele geschiedenis, of waarbij een profeet de waarheid over de hele geschiedenis hoort van een god die die helicopterview heeft. Dan zou die god inderdaad wat aan zijn afdeling communicatie moeten doen!

            Helpt het jou als je de bijbelse verhalen mag lezen als een uitnodiging om een hoopvol en creatief leven te leiden? Een uitnodiging om mee te doen om dingen die kapot zijn te herstellen, recht te doen, mooie dingen te maken en lief te hebben? Zo probeer ik deze verhalen te lezen: Het is inderdaad vaak een klote wereld, maar wij mogen iets betekenen. Schepping is geen geloof over hoe het ooit begon: het is een doorgaand proces waarin het goede zal winnen van het kwade, waarin de wereld wordt genezen en de mens echt mens kan worden. Zelf wordt je ook ‘nieuwe schepping’ en dit geef je door aan anderen. Veel meer is het ook niet.

            Ik zou niet al te moeilijk doen over niet te beantwoorden vragen over een almachtig god of een informatie die we niet hebben. Vraag aan jou: is er een roeping voor jou om bezig te zijn met leven als een geweldig avontuur naar een nieuwe schepping? De waarheid leven is misschien meer waard dan alles weten 🙂 Groetjes!

          • Tim van Iersel

            Ha Johan, dank voor je begripvolle reactie. De interpretatie en leeswijze die jij voorschrijft onderschrijf ik van harte. Ik voel een sterke roeping om te streven naar een betere wereld en ik beschouw dat als een fantastisch avontuur. Voor zover de bijbel bijdraagt aan dat streven is het boek van harte welkom op mijn boekenplank. Ik verzet mij echter tegen een kritiekloze of al te religieuze benadering van de bijbel (of enig andere tekst die naar mijn mening te serieus wordt genomen). Ik geloof dat misvattingen uit de wereld moeten worden geholpen, en dat kan niet altijd op een verzoenende, begripvolle manier. Daar doe ik graag moeilijk over 🙂

          • Dank je Tim. Ik denk dat de veel mensen zonder enige bijbedoelingen de bijbel “kritiekloos of te religieus” nemen. Wij mensen willen graag zekerheid in onzekere tijden en zoeken ons heil vaak bij zekerheid in plaats van vertrouwen. En we zijn kinderen van onze tijd. Veel “moderne” gelovigen reageren op de bijbel op een “moderne” manier. Een creationist in in feite een gelovige die moderne methoden los laat op een antieke tekst om zo zekerheid te vinden. Ik ben het met je eens dat dit misvattingen zijn en uit de wereld geholpen moeten worden. En ik worstel zelf vaak met mijn eigen boosheid over religieuze mensen die andere mensen of deze planeet beschadigen in de naam “god”. Toch geloof ik ergens dat het streven naar een betere wereld het beste kan in de geest Jezus: duidelijk uiteindelijk toch verzoenend. Hete hoofden koude harten / discussie gewonnen persoon verloren en dat soort tegeltjeswijsheden helpen een beetje 😉

            Hoe zou je het vinden om samen te zoeken naar een alternatief voor een progressief christendom zoals Lazarus dat probeert te doen. We kunnen dan koesteren dat we een alternatief hebben voor onze omgang met oude verhalen. Maar veel belangrijker: we laten zien dat het verhaal leeft, ons verandert en door ons heen de wereld mooier maakt! Er zitten veel duistere kanten in bijbelverhalen, maar uiteindelijk ook een enorme subversieve kracht en creatief vermogen. #uitnodiging

          • Henk Karssenberg

            ‘Voor mij helpt het enorm om eerst samen vast te stellen dat de hele bijbel mensenwerk is. Ooit heeft iemand de verhalen opgeschreven: via ervaring, geschiedschrijving, poezie of verbeelding.’

            Tegenover deze stelligheid plaats ik de stelligheid en de belijdenis, dat HEEL de Schrift is ingegeven door (de Helicopterview van) God, de Heilige Geest. Paulus spreekt hier over wat wij het Oude Testament noemen, dat in zijn geheel al honderden jaren voor de komst van Christus in het Grieks was vertaald. Weliswaar waren hierbij menselijke schrijvers als Mozes en anderen ingeschakeld.

            Het is nogal wat om deze God, die zelfs mens geworden is – een diepere vorm van dichtbij-komen is toch niet denkbaar – te verwijten, dat Hij zijn communicatie niet heeft aangepast aan onze verwende 21e eeuwse oren.

      • Haak

        Wat een absurde stelling van Mark Eikema. In 2Tim 3:16 staat dat ‘elke Schrift’ – dat is op die plek het Oude Testament (die op vele plaatsen ‘heilige schriften’ worden genoemd) door ‘God geademd’ zijn. Het is een constante beweging die de Geest in de Schrift legt, zo levendig als maar kan. Daarom functioneert het ook tot op de dag van vandaag, zie Trimp, Heilige Geest en Heilige Schrift in: J. Kamphuis (e.a.) Hoe staan we ervoor? Ik besef al schrijvend hoe treffend de titel van dat boekje is.

        • Mark Eikema

          Ik geloof ook wel dat ‘de Schrift’ door God ingegeven is, of kan zijn. Maar als ik moet kiezen (wat je denk ik moet) tussen de bijbel of Jezus als Woord van God, kies ik voor wat de bijbel er over zegt: Jezus is het Woord van God.

          Paulus zegt ergens in zijn brieven ‘dit is slechts mijn mening’… Is dat stukje dan ook Woord van God?

    • Otto Kamsteeg

      De bijbel is inderdaad één van de thema’s van onze zoektocht (vraag: De Bijbel is geen handboek, maar wat wel?) en komt dus de komende weken nog voorbij.

      • Henk Karssenberg

        Er is niemand, die de Bijbel een handboek noemt, evenmin als er christenen zijn, die op een absurde manier de Bijbel letterlijk nemen. Het is gemakkelijk scoren als je je punt wilt halen door van het standpunt van de ander een caricatuur te maken.
        De Bijbel is geen handboek geschiedenis of biologie. Maar datgene wat ons als historisch werkelijk gebeurd wordt bekendgemaakt is toch wel betrouwbaar?
        Wat is de Bijbel wel? Is het het Woord van God over mensen? Of zijn het alleen woorden van mensen over (hun beeld van) god?
        Ik zie uit naar de volgende afleveringen.

      • Henk Karssenberg

        Er is niemand, die de Bijbel een handboek noemt, evenmin als er christenen zijn, die op een absurde manier de Bijbel letterlijk nemen. Het is gemakkelijk scoren als je je punt wilt halen door van het standpunt van de ander een caricatuur te maken.
        De Bijbel is geen handboek geschiedenis of biologie. Maar datgene wat ons als historisch werkelijk gebeurd wordt bekendgemaakt is toch wel betrouwbaar?
        Wat is de Bijbel wel? Is het het Woord van God over mensen? Of zijn het alleen woorden van mensen over (hun beeld van) god?
        Ik zie uit naar de volgende afleveringen.

  • Geweldig artikel. Bedankt Reinier! Ik herken die reis die hebt gemaakt zeker. Enkele jaren geleden ontdekte ik nog een alleraardigste aanvulling op de lijn Schepping-Jezus-Herschepping. In het degelijk gereformeerde werk G.K. Beale “The Temple and the Church’s Mission: A Biblical Theology of the Dwelling Place of God” (New Studies in Biblical Theology), werd de lijn getrokken van scheppingsverhalen als tempelverhalen (tuintempels) en tempelverhalen als scheppingsverhalen. Het belangrijkste idee was dat de twee sferen, hemel en aarde, waren verbonden op heilige plaats, meestal bergen of hoogten. Daar was de ontmoeting van God (of goden) met mensen en daar ontstond orde in de chaos. Daar waar de hemel de aarde raakt was er sprake van nieuwe leven en schepping. Als je de scheppingsverhalen zo gaat leven: als verhalen van raakpunten tussen hemel en aarde, de presentie van God en orde uit chaos, dan hef je de oude discussie van schepping versus evolutie op. Die is niet meer relevant. Andere verhalen, over de tabernakel, tempels in het OT en het hele leven van Jezus vallen op z’n plaats. Ook daar is sprake van een nieuw begin, vergeving en genezing. Het leven van Jezus wordt dan één groot tempel verhaal. Zelf de christenen, de kerk en de “wederkomst” worden dan scheppings- en tempel verhalen. We zijn een tempel, we zijn een nieuwe schepping. Uiteindelijk worden aarde en de hemel één. Als dat geen progressief scheppingsverhaal is 🙂

    • Reinier Sonneveld

      Zekers. Ik gebruik in lezingen vaak de term ‘dunne plaatsen’, wat ongeveer hetzelfde aanduidt. Ken je ‘The Lost World of Genesis One’ van Walton? Die maakt ongeveer hetzelfde punt.

      • Haak

        Ook Walton gebruikt dezelfde inzichten als Beale, maar opnieuw: hij laat de geschiedenis niet vallen. Daarin is juist het bijbels verhaal confrontatie met de vele mythen van de volken er om heen.

        • Reinier Sonneveld

          Hm, dat weet ik niet. Wat mij betreft is het goede van de schepping het meest in het oog springende verschil met de omliggende mythen.

          • Haak

            Dat is inderdaad een opvallend element, maar vergeet dan ook niet het moment dat de mens naar Gods beeld geschapen wordt. Anders dan in de mythen die het moeten doen met beelden van hout/steen/metaal wordt hier de mens als het ‘beeld’ aangewezen, i.e. hij is het ‘levende’ beeld van God, met verantwoordelijkheid voor beheer van de schepping tegenover zijn Schepper. Die nauwe relatie tot ‘de’ Schepper (er is er maar één in de bijbelverhalen, ook weer anders dan in de mythen) maakt de mens tot een heel speciaal schepsel. Daar ligt een (taal-)daad aan ten grondslag: zó maak ik je. Dat gegeven overtuigt mij er opnieuw van dat dit niet voor een groep mensen gold maar uitgerekend één. En díe is trendsettend voor de hele mensheid (ten goede en -historisch gezien- vooral ten kwade).

          • Reinier Sonneveld

            Zeker, dat beelddragerschap is, voor zover ik kan overzien, ook een uniek element en zeer inspirerend.

          • Haak

            OK, maar zou dat dan ook niet een bijdrage kunnen zijn in het vaststellen van die ene (historische en eerste) mens? Kan ik het zo zien dat Gen 1 wellicht meer in grote lijnen het patroon van schepping – Schepper schetst, en daarin als het ware steeds meer vaste voet aan de historische grond zet met climax in ‘hoe uitzonderlijk goed is dit!’ (Gen 1:31), waarna Gen 2 (vanaf vs 4) de lijn oppakt en nader gaat invullen wat er (in ons vocabulair) daadwerkelijk gebeurd is. Dat leven-gevende van de adem van God, die daarmee de meest intieme relatie van Vader-zoon aangeeft (in het begrip van shame-cultures, waarbinnen deze teksten geschreven zijn) kan dan niet slaan op een pluraliteit, maar moet betrekking hebben op één enkel, tot leven komend persoon, voilà: de mens! Eentje, de eerste van een hele lange rij, waaronder jij en ik…

      • Zeker. Ook een aanrader bij dit topic!! thnx

  • Haak

    Tpch nog wel deze vraag: zaten Jezus en Paulus er dus naast toen ze veronderstelden dat er ‘in het begin’ iets was van een eerste echtpaar, Mat 19:4 ev.; Rom 5:12 ev; 1Tim 2:14? Terecht stel je dat er een hoop theorieën zijn waar je je winst mee kunt doen, en die ‘werken’. Dat neemt niet de indruk weg dat men zich zodanig door die theorieën die toch vooral op meetkundig terrein liggen laat imponeren dat de verleiding niet weerstaan wordt die te verwisselen met de werkelijkheid buiten die theorieën om, of zelfs buiten de kaders van de aangenomen theorie-vorming om uitspraken doet die een ‘religieuze’ waarheid claimen. Ik denk aan A. van den Beukel, De dingen hebben hun geheim, en: Met andere ogen. Ook noem je het instituut Logos niet, dat niet weggezet kan worden als ‘creationistisch’. Zonder te twisten over de lengte van de tijd in Gen 1 (en het metaforisch karakter van sommige bijbelteksten) zal er toch sprake moeten zijn van een begin van de mensheid, die juist door het aangesproken zijn door God als ‘beeld van God’ fundamenteel anders is dan andere geschapen wezens / dingen. Je verhaal over zingeving etc. kan alleen overeind blijven als er ook een historische vloer onder ligt. En die ligt er – God dank!

    • Reinier Sonneveld

      Ik geloof in een begin van het heelal en de de mensheid. Logos ken ik niet anders dan onversneden creationistisch, althans, ik heb ze nooit iets anders zien doen, maar dat terzijde. Qua Jezus en Paulus: zij spraken uiteraard in het wereldbeeld en de taal van hun tijd. Dat is geen verrassing. Jezus sprak geen Nederlands en ook geen ‘wetenschappelijks’. Belangrijk hierbij is dat hun ideeën over Adam niet het punt zijn dat ze daar maken, maar meekomen in een andere redenering, die ik volledig kan meemaken. Zo behandelen we veel meer teksten, denk aan het mosterdzaadje dat toch echt niet ‘de grootste aller bomen’ is, of hoe stond het er in de oude vertaling. Overigens kan ook met het volledig aanvaarden van de evolutietheorie er nog een eerste echtpaar dan wel tribe zijn geweest die in een of ander paradijs is verbleven en een zondeval heeft meegemaakt.

  • Jan Ellen

    Waar ik tegenaan loop bij het denken in evolutionaire ontwikkelingen is het begrip ‘zondeval’. Daar heb ik eigenlijk nog nooit een goed antwoord op gevonden. Nu wil ik niet beweren dat ik alle literatuur over orthodox christendom en evolutie gelezen heb, verre van dat. Maar ik heb de indruk dat dit gebeuren, waarover met name in het nieuwe testament als een historisch feit gesproken wordt, verdoezeld wordt. God is inherent goed, en je kunt je niet voorstellen dat in Zijn schepping er iets verkeerds zou zijn, maar als ik om mij heen kijk, zie ik zoveel dat lijnrecht ingaat tegen dat goede, dat er dus wel iets als een zondeval geweest moet zijn, waardoor de hele schepping (terug?)gevallen is in een staat van chaos en ellende en verwoesting. Maar wanneer was dat dan? Pas bij de eerste mens(achtigen)? Of is bijvoorbeeld het tamelijk plotselinge uitsterven van de dinosauriërs (ergens zo’n 160(?) miljoen jaar geleden toch) niet ook een blijk van de schepping-in-barensnood? Maar in een zover verleden waren er geen wezens die een voldoende bewustzijn hadden om in zonde te kunnen vallen (zonde gedefinieerd als opstand-tegen-God). Als je de in zonde vallende eerste Adam als een mythische figuur gaat beschouwen, is het de vraag of de tweede Adam niet ook mythische proporties gaat krijgen. En die konsekwentie gaat mij te ver. Daarover is het nieuwe testament ongelofelijk duidelijk: Jezus Christus was (én is) een historische figuur, waar niets mythisch aan was.
    Een tweede punt klinkt misschien wat cynisch, maar zo bedoel ik het niet. Het scheppingsverhaal loopt uit op de schepping van de mens, een wezen met een bewustzijn, de kroon op de schepping, rentmeester over de schepping, bijna goddelijk (Ps.8), het schepsel waarmee God een diepgaande relatie aangaat. Volgens de evolutionaire denklijnen zou God 15 miljard jaar hebben moeten wachten voordat dan eindelijk die mens er zou zijn. Zou God echt zolang hebben willen wachten? Natuurlijk, ons lineaire tijdsbegrip is voor Hem een non-issue, maar erg logisch vind ik het niet. Nu is onze logica ook niet alles, maar het is wel een methode van denken die God ons gegeven heeft, en volgens welke denktrant Hijzelf ook volop bezig is geweest bij het formeren van deze schepping. Denk daarbij maar gewoon hoe logisch en vaak aan-elkaar-verbonden de talloze wetmatigheden in de natuur zijn. Toeval, zegt u? Dan sluit ik maar af met een woord van één van de grootste natuurwetenschappers: God dobbelt niet.

    • Reinier Sonneveld

      Dat punt van die zondeval behandelen we, als ik het goed heb, later deze week. Nuttige vraag, waar meer mensen over beginnen. Als het gaat over dat tijdspad: ik zie wat dat betreft niet zo veel principieel verschil tussen 6 dagen wachten op de mens of 13 miljard jaar. God kan de mens sowieso in een ogenblik scheppen, dus de vraag blijft hetzelfde: waarom dat wachten? Ik denk dat het met Gods karakter te maken heeft, zoals wij hem hebben leren: als een God die werkt als een mosterdzaadje, subtiel, in het verborgene.

    • Hi Jan. Super goede vraag. Ik heb er veel aan om het oude testament vooral te lezen als een boek door en voor het volk Israel (uit de oudheid). Genesis staat vol met verhalen over de founding fathers van het jodendom, Abraham, Izaak en Jacob. Je kunt als gelovige jood afvragen: Waar komen we vandaan? Wat is onze roeping als volk? Waarom is de aarde zoals ze is? Wat moeten we doen? De verhalen vóór Abraham schetsen een beeld van steeds groter wordende problemen: van “bessenplukkers” in de hof, naar schaapherders, naar akkerbouwers en van het verkeerde verlangen naar broedermoord en machtsmisbruik. Van leven in een tuin naar het bouwen van een stad naar een enorme macht rond een enorme stad. Je zou best mogen stellen dat het begrip ‘zondeval’ een langer verhaal is dan het moment met Adam en Eva. Abraham wordt door God geroepen om “tegencultuur” te zijn: vertrouwen op een God in het vergaren van voedsel, krijgen van kinderen en leven in vrede. Ik denk dat Gods antwoord op de zondeval is: er komt een nieuwe mensheid op een nieuwe aarde. God beloofd eerst een volk en een land, later alle volken en alle landen. Daarom grijpt Paulus terug om Adam op aan te tonen dat zonde iets is van alle mensen op heel de aarde en dus Gods redding ook. Ik denk niet dat er door Paulus “historisch” wordt geschreven. Hij maakt een theologisch punt: Israel is uit zijn ballingschap en de hele wereld en alle volken worden gered.

  • Tim

    Mooi artikel Reinier, respect voor je ruimdenkendheid. Om de vrede op aarde te bewaren is het misschien goed om ervan uit te gaan dat religieus geloof en wetenschappelijke inzichten niet per se strijdig zijn met elkaar. Toch een opmerking en een vraag.

    Citaat: ‘Een wetenschappelijke theorie vertelt mij gewoon hoe de werkelijkheid hoogstwaarschijnlijk functioneert. Het is een misverstand over de reikwijdte van wetenschappelijke theorieën, als dat een bedreiging is voor je geloof.’

    Dit vind ik problematisch. Je lijkt hier te stellen dat jouw geloof niet is gebaseerd op hoe de werkelijkheid hoogstwaarschijnlijk functioneert. Even ter vergelijking; mijn eigen ‘geloof’ stel ik juist zo vaak mogelijk op de proef aan de hand van wetenschappelijke en filosofische theorieën (het is een waar slagveld, een continu proces van ‘killing my babies’, maar het lijkt me de enige manier om mezelf te behoeden voor stupiditeit). Maar jouw geloof stel je buiten zo’n kritisch proces. Ik heb het idee dat je hier een manoeuvre uitvoert om jouw geloof te vrijwaren van kritiek. Maar misschien lees ik je verkeerd. Daarom deze vraag: als wetenschappelijke theorieën geen bedreiging voor jouw geloof kunnen zijn, wat dan wel?

    • Reinier Sonneveld

      Ik denk dat het belangrijk is onderscheid te maken tussen filosofie (slash theologie) en wetenschap. Mijn geloof doet weinig uitspraken over hoe de zichtbare werkelijkheid functioneren. Mijn geloof bevat ideeën van filosofische en theologische aard over de relatie tussen God en werkelijkheid. Wetenschappelijke theorieën hebben daar niet zo veel over te zeggen: filosofische en theologische zeker wel. Ik vrijwaar mijn geloof dus niet van kritiek, maar het is tamelijk immuun voor specifieke soorten kritiek.

      • Jacob van Etten

        Natuurlijk is wetenschap beperkt en zegt weinig over betekenis en meer over feiten en regelmatigheden. Maar geloof kan niet zonder ervaring en dus ook niet zonder empirische werkelijkheid.

        Ik ben zelf wetenschapper. Voor mij ligt het wat ingewikkelder dan wat Reinier zegt.

        Om voor mijzelf die “immuniteit” te bereiken, heb ik zelf flink wat moeten investeren in nadenken over de relatie tussen geloof en wetenschap. Mijn idee van God is zeker beinvloed door mijn wetenschappelijk denken.

        Als student vond ik evolutie uiteindelijk niet zo’n “probleem” met name nadat ik het boek Schepping van Bram van de Beek had gelezen, wat uitkwam toen ik op de universiteit begon. Wat mijn geloof het meest tot schudden bracht was het lezen van antropologische literatuur die duidelijk maakte dat religieuze vormen en sociale structuur op een heel regelmatige manier elkaar weerspiegelen. Dat maakt het lastig om te denken dat christelijk geloof hieraan “ontsnapt” en geen sociaal fenomeen is.

        Gelukkig zijn er gelovige antropologen en manieren om hierover na te denken. Voor mij was het lezen van Mary Douglas belangrijk. Douglas was een katholieke antropoloog die ik later zelfs een aantal keer heb kunnen ontmoeten. Maar je geloof wordt door dit denken zeker anders en is niet immuun.

        • Reinier Sonneveld

          Oké, dit deel ik wel. Een aantekening: veel religieuze ervaringen zijn niet herhaalbaar en niet toetsbaar in experimentele settings, hoewel dat inderdaad bepaald niet de enige manier van onderzoeken is (zie bijv. ook Douglas).

          • Jacob van Etten

            Inderdaad. En het is ook andersom waar: mijn geloof beinvloedt mijn wetenschappelijk denken en doen, inclusief mijn “epistemologie”. Dus inderdaad niet alleen experimenten, maar ook “fenomenologische” inzichten zijn waardevol. Ik ben nu veel bezig met “design thinking” waarin dit soort ideeen een sterke rol spelen. Sense-making enzovoorts.

            Leuk hoor, dit begint te lijken op onze papiertjes-discussie maar dan digitaal. Misschien moeten we een onderwerp pakken waarover we het loeiend oneens zijn dan. Of doen alsof, om het spannender te maken.

  • Peter van Dijk

    Ha Reinier. Top-stuk. Mooi geschreven, helder betoog. Wij geven deze week de boekversie uit van Lang verhaal kort van Remco Veldhuis, een cabaretier die de Bijbel in 120 pagina’s uitlegt. Zijn citaat over bovenstaande wil ik jou en je lezers niet onthouden:

    “Nee, ik ben een Darwinist. Ik geloof in de evolutie.
    Ok, en in een klein beetje ‘ietsisme’…
    Ik hóóp dat er ‘iets’ is na de dood, maar geloof ondertussen in de evolutie.
    Maar mocht er dan stiekem toch ‘iets’ zijn, dan sta ik toch een beetje op de gastenlijst.

    Een Darwin-win-situatie noem ik dat.”

    Zonder jou een Darwinwinist te noemen… ik vond het een mooie vondst.

    • Reinier Sonneveld

      🙂 Ben zeer benieuwd naar die voorstelling van Veldhuis, heb er al veel over gehoord, ben er zelf nog niet aan toegekomen. Top dat je het uitgeeft!

    • Haak

      Beste Peter van Dijk, hoe komt het toch dat je dat ‘ietsisme’ van Remco Veldhuis zo belangrijk vindt? In welke verhouding staat dat tot de overtuiging van bv. Paulus die het lijden dat hem vanwege zijn geloof overkwam accepteerde. Ik zie Veldhuis voor zijn ‘geloof’ in het ietsisme nog niet lijden. Denk ook aan al die christenen die vanwege hun vast geloof in de overwinning van Christus staande blijven in de vervolging en onderdrukking. Die zitten naar mijn idee echt niet te wachten op dat angstvallige en postmodernistische ‘mocht er misschien wat zijn’. Het is ver verwijderd van wat de bijbel presenteert als hartelijk geloofsvertrouwen. Of daarom zijn boek ‘Lang verhaal kort’ van 120 pgg. zo’n aanwinst zal zijn in het propageren van het evangelie van Christus is voor mij echt een vraag. Weet daarom ook niet of Reinier er verstandig aan doet zijn sabbatical te onderbreken om naar die voorstelling te gaan.

      • Peter van Dijk

        Beste meneer Haak. Een deel van uw reactie ontgaat me. Ik geloof dat u ook wat zaken door elkaar haalt. Ik vergelijk in ieder geval niet een boek van een cabaretier in Nederland met vervolgde christenen. Dat lijken mij inderdaad onvergelijkbare grootheden.
        Reinier hoeft zijn sabbatical niet meer te onderbreken, omdat de voorstelling al klaar is.
        Erg jammer, als u het mij vraagt, dat hij het niet meer speelt.

  • Pingback: Evolutie, ja, maar hoe zit het dan met de zondeval? #Lazarustour - Lazarus magazine()

  • Pingback: Ook tijdens een sabbatical gebeurt er nog wel wat | Reinier Sonneveld()

  • Jacob van Etten

    Mooi artikel, Reinier! Gelukkig was ik blijkbaar de gelovige-evolutionist in onze nerdige discussie… Ik kan me nog herinneren dat de zondvloed ook in onze “discussie met papiertjes” voorkwam.

    Een tijdje geleden las ik The God Delusion van Richard Dawkins, de fundamentalistische atheist. Hij leest de bijbel ook heel letterlijk en vindt christenen die dat niet doen maar halve christenen. In een ontluisterd heelal zonder God tellen alleen de “feiten”. Ik realiseerde me ineens dat creationisme de bijbel leest door dezelfde atheistische lens. En probeert daarna God tussen de feiten te redden.

    Ik denk dat de bijbel vraagt om een andere manier van lezen. Meer creatief, zoals de allegorische manier van lezen, die zoekt naar betekenis in plaats van (alleen) feiten. En meer historisch, om de context te begrijpen. En met in je achterhoofd de traditie van de kerk, die de bijbel 2000 jaar lang gelezen en geleefd heeft.

    De schrijver van Genesis had zeker de “diepere werkelijkheid” voor ogen, niet een serie van botte feiten. De heelal bestaat uit drie delen, want de tempel bestaat ook uit drie delen. Het heelal is een grote tempel. En de tempel is een kleine kosmos. De joodse tempelrituelen hebben kosmische betekenis. De menselijke week van zeven dagen is een onderdeel van een goddelijk ritme van creativiteit en rust.

    • Reinier Sonneveld

      Mooi gezegd, thnx!

  • Pingback: Nieuw: Lazarus podcast over de schepping #lazarustour - Lazarus()

  • Pingback: Stoomcursus 'Evolutie voor gelovigen' #Lazarustour()

INSTAGRAM
Lazarus op instagram