‘Groot verdriet kan tegelijk bestaan met groot geluk’

Kunstenaars Katja Bosch en Janpeter Muilwijk verloren twee jaar geleden hun 26-jarige dochter Mattia door zelfdoding. Door psychisch lijden zag ze geen uitweg meer. De ouders verwerkten hun onnoemelijke verdriet in schilderijen, die nu te zien zijn in de Domkerk in Utrecht.

Honderden mensen waren bij de opening van de expositie in de Utrechtse Domkerk. Het enorme verlies dat de ouders en de familie hebben meegemaakt was aanwezig in de toespraken tijdens de opening (opgenomen in het boekje bij de tentoonstelling). Er was koorzang, Katja, Janpeter en de broer van Mattia zongen mee, en een nieuw gecomponeerd pianowerk van Douwe Eisenga voor Mattia (For Mattia) beleefde een première (het muziekstuk staat inmiddels op de 53e plaats op de Hart en Ziel lijst van Radio 4). In de aanwezige schilderijen ervoer ik behalve verdriet ook vreugde. Het geheel was van ontroerende schoonheid en troost.

Na de opening ontmoet ik Katja en Janpeter in de Domkerk voor een bewogen gesprek over het ontstaansproces van deze schilderijen.

De afgelopen jaren maakten jullie de zwaarste tocht van een ouder mee. Waar putten jullie troost uit?

Janpeter: ‘Zoiets meemaken is een enorm trauma, een shock eigenlijk. We wisten van Mattia’s suïcidaliteit, zij was vanaf haar 15e ziek. En toch gebeurde het heel onverwachts voor ons. We hadden juist het gevoel dat het goed met haar ging. Meteen na haar dood kwamen signalen van allerlei kanten die ruimte gaven aan troost.’
Katja: ‘De eerste diende zich binnen een week na haar dood aan. Ik kreeg een droom. Het was zo’n heldere droom, ik zal het nooit vergeten. Ik moest daar wel betekenis aan geven. De boodschap zat er bijna letterlijk in, maar ik was er nog niet klaar voor. Pas in de loop van de tijd kon ik het duidelijk verstaan en werd het ineens heel logisch.’

Kun je de droom vertellen?

Katja: Ja. Ik droomde dat ik met Mattia in de auto zat. Ze zat naast me en ik zat aan het stuur. We reden eerst op een weg. Het was overdag. Toen reden we een gebied in waar de weg niet bestraat was, waar het grijs was en bruin met stenen. Het was er donker en ik zocht naar de knoppen van de lampen (ik heb een auto waarvan de lampen vanzelf aan gaan als het donker wordt). Ik moest heel goed kijken waar ik heen ging. We kwamen uit de donkere zone, ik moest een paar afslagen maken. Dat deed ik en daarna stopte ik de auto. We stapten allebei uit en liepen een weg omhoog. Ik hoorde de klokken van de kerktoren en zei: ‘Oh Mattia, hoe kan dat, dit zijn de klokken van je begrafenis en je bent nu hier?’ Ze lachte zo stralend en maakte een gebaar alsof ze weg wilde vliegen met haar armen en zei: ‘Je weet het niet, hè, mam? Je weet het niet!’ Op dat moment werd ik wakker en begreep ik het niet. Dat begrip kwam pas veel later. Logisch, zo van: ‘Mam, ik ben gewoon bij jou.’

Wat een prachtige droom!

Katja: ‘Ik kon niet om de betekenis van deze droom heen. Ook het door de gebied van de dood heen rijden… Het voelde alsof ik bij haar bleef. Vooral dat: ik ben bij jou.’

Voel je dat nu nog zo?

Katja: ‘Er is een periode geweest dat ik het gevoel had dat ze bijna als mens bij me was. Nu ervaar ik meer een stroom van liefde, als een energie. Het is moeilijk om hier woorden aan te geven, want het kan heel snel goedkoop overkomen. Het voelt meer als een stralende liefde nu; als ik daarmee in verbinding sta, kan ik het aan mijn lijf voelen. Dan verdwijnen gepieker en zorgen.’

Ervaar je haar als onderdeel van de Liefde?

Katja: ‘Ze is de toegang tot de Liefde. Als ik aan haar denk dan kan ik de stroom van liefde voelen. Zonder haar zou het te algemeen zijn. Het is niet met woorden te beschrijven. Het gebeurt niet met het verstand.’

Heeft het proces van schilderen jullie geholpen?

Katja: ‘Ja, het schilderen zelf bracht onverwacht troost en vrede.  Het is constructief, zelfs als het over dit enorme verdriet gaat. Daarnaast kan ik haar enorm missen, dat blijft.’
Janpeter: ‘Je hebt het schilderen niet helemaal in de hand. Als je begint, heb je wel een idee, maar het proces van schilderen kent zijn eigen dynamiek. Het schilderij neemt het over, het gaat jou iets vertellen over je ziel, het toont je hoe het met je gesteld is.
Ik heb erg getwijfeld of ik nog wel integer kon schilderen. En als ik dat toch zou doen, mag het dan over onze verloren dochter gaan, mag ik daar mooie schilderijen over naar buiten brengen? Het is een fragiliteit om dit te doen en zodra je ego als kunstenaar erbij komt, is het meteen weg. Dan voel je dat hier moet worden bijgestuurd.
Ik ben begonnen, dan weer gestopt, dan weer begonnen met kleine schilderijen. Jarenlang heb ik alleen getekend en tapijten gemaakt, nu dienden zich schilderijen aan.

Op een bepaald moment begon ik met een Versluiering: een schilderij van een bruid. We wisten dat Mattia graag een mooie trouwjurk zou hebben gehad. Het schilderij is een beeld van de bruid die ze had willen zijn… Het staat ook voor de versluierde gemeente, de bruid van Christus.
Ik vond het versluieren heel interessant. Ik had veel vragen over Mattia’s staat, want na haar zelfdoding kwamen er vele dogmatische vragen boven. Kan het goedkomen met zelfmoordenaars? Ik las nog eens het verhaal over Saul en Judas in de Bijbel. Ik kon geen expliciete afwijzing over deze zelfmoordenaars vinden. Dat gaf mij een beetje ruimte.’

‘Om haar hoefden we niet verdrietig te zijn. Ze had een zwaar leven en dat heeft ze liefdevol en moedig geleefd. Het is nu goed met haar’

 

‘Ik schilderde een bruid. Ze leek niet erg op Mattia. Toen dacht ik: ik wil zeven versluieringen maken, over allerlei aspecten van haar die ik me kan herinneren… Ik was er bang voor dat ik haar beeld kwijt zou raken… Ik wilde vasthouden hoe ze eruit zag. Maar gaandeweg kreeg deze serie meer ruimte dan dat het alleen beelden van Mattia werden. Het was niet meer zo belangrijk dat ze leken, het ging ook om het idee van de versluierde wereld, waarin ik haar achtte. Ik ben er een jaar mee bezig geweest en het werd steeds helderder dat het echt goed met haar is. Dat was zo krachtig dat het naast het verdriet kon staan. Om haar hoefden we niet verdrietig te zijn. Ze had een zwaar leven en dat heeft ze liefdevol en moedig geleefd. Het is nu goed met haar.’ Katja: ‘Niets kan haar meer deren, dat troost.’

Verwijst dit weten naar God?

Katja: ‘Eigenlijk naar het onvergankelijke Zijn. Hoe het met de doden is, is nooit een urgente vraag geweest. Ik heb me ook niet veel beziggehouden met wat er na de dood is. Vanuit allerlei hoeken kwamen mensen woorden en dromen brengen en we hebben besloten dat we alles dankbaar in ontvangst nemen. Zonder oordeel, zonder een mening over de bron. Dat bracht ons onverwacht prachtige opluchting.’
Janpeter: ‘De schilderijen werden een soort gouden ikonen. Ik heb geen goud gebruikt maar ze stralen wel. Het heeft me veel geluk gegeven. Ik vond het fijn om rustig aan het kant te schilderen. De serie vertegenwoordigt wat versluierd is, maar waar we toch zeker van zijn.’

Zij lijkt onaantastbaar achter de versluieringen. Ik moet aan de woorden ‘noli me tangere, raak mij niet aan’ van de opgestane Christus denken. Zij is wel en niet herkenbaar, maar in wezen dezelfde. 

Jullie zijn vanuit allerlei richtingen bevestigd over het leven na de dood. De Levengever maakt blijkbaar geen onderscheid daarin. Wie uit de bron van leven en liefde drinkt kan deze boodschap brengen?

Janpeter: ‘Ja, dat is wel zo met het aannemen van deze signalen. Je voelt dat ze uit dezelfde bron komen.’
Katja: ‘Het overstijgt inderdaad de personen die deze woorden of dromen kwamen brengen.’
Janpeter: ‘Voor Mattia’s dood dacht ik aan de hemel als een eventuele bonus na dit leven. De enorme ruimte waarin wij nu al mogen leven, is werkelijkheid geworden. De dood is maar een doorgang.’
Katja: ‘Ik heb eerder nooit zo veel gedachten over de dood gehad. Nu weet ik het gewoon. Dit is ons aardse leven en dat is maar een klein stukje van een heel groot geheel.’

Zien jullie dit weten als een geschenk?

Katja: ‘Ik weet niet of het een geschenk is, het is mij overkomen. Het is tot mij gekomen.’

Is het een proces?

Katja: ‘Er zijn zo veel tekenen gekomen dat het overtuigend is.’

Misschien een ontwaking?

Katja: ‘Ja, dat is het misschien meer, van kleiner naar groot. Het gaat vanzelf, misschien ontwaken, ja. Ik blijf dingen lezen en horen die dit voeden.’

Een van de dingen die mij opviel in de tentoonstelling zijn de verschillende manieren hoe jullie het proces schilderen. Katja schildert de draaikolk, het zuigende zwarte gat dat Mattia beschreef in haar dagboeken. De moeder doorleeft het met haar kind. Uiteindelijk schilder je haar daaruit. Er komt licht aan de andere kant van de tunnel. Je baart haar opnieuw tot leven.

Katja: ‘Dat zeg je heel mooi. Zo heb ik het nog niet verwoord; zo’n tweede geboorte heb ik niet bedacht.’

Ik keek op dat moment als moeder, misschien. Bij Janpeter ervaar ik dat je Mattia in het grote kosmische verhaal plaatst. Je schildert haar in de zwarte schilderijen tot atomen en daarna schilder je de atomen de sterrenhemel in. Het is zo indrukwekkend hoe boven dit zwarte beeld een overwinnend bruidschilderij is geplaatst.

Jullie weten op twee heel verschillende manieren hetzelfde proces beelden te geven. Zo goed om te zien dat jullie samen sterker zijn geworden.

Er zijn zeven Versluieringen geschilderd maar zij zijn niet in volgorde in de tentoonstelling geplaatst. Waarom niet?

Janpeter: ‘Er zit wel een volgorde in de Versluieringen. Zij zijn genummerd. Voor mij was het een proces van ‘wat mis ik nu’. Het kon zijn dat ik een devote versluiering of een heel opgetogen kant van haar miste. Halverwege kwam toch ook de behoefte om de zwarte schilderijen te maken. Het overviel me en ik was zo verdrietig…

Anders was het beeld niet eerlijk?

Janpeter: ‘Ja, de Versluieringen schitterden mij tegemoet, maar ik moest ook de diepte van haar ellende schilderen. Dat verschrikkelijke beeld kon ik eigenlijk niet naar buiten brengen. Ik heb die toestand geschilderd en dat was zo zwaar dat ik het helemaal met zwarte lagen overschilderd heb. Daarna kon ik er alleen maar sterren overheen schilderen, ik vond het heel troostrijk dat dit gebeurde. Dat ging vanzelf, ik heb er niet over nagedacht. Ook niet om deze schilderijen dan in tweetallen te plaatsen zoals ze hier nu in de tentoonstelling hangen.
Beide aspecten komen bij elkaar bij het laatste schilderij dat ik maakte Der Tod und das Mädchen. De titel kwam me gewoon ’s nachts toevallen. De tentoonstelling begint hiermee. In dit schilderij heeft ze geen sluiers meer nodig. En toen was de serie klaar.’

Misschien ervaren mensen in de eerlijkheid en schoonheid waarmee jullie met Mattia’s dood omgaan een bewijs voor het bestaan van een liefde die sterker is dan de dood. Het lijkt door jullie beelden heen te stromen?!

Janpeter: ‘Het heeft mij ook verrast dat schoonheid hierin zo’n grote rol speelt. Dat schoonheid echt troost is! Wat mij ook verwondert, is dat naast diep verdriet mijn vreugde krachtiger is geworden dan ooit: alsof alle dingen in mijn leven geconcentreerder zijn geworden.’

Bij de drie zwarte schilderijen lijkt het niet alleen over Mattia te gaan, maar ook over anderen.  Hoe is dat ontstaan?

Janpeter: ‘Toevallig hebben we lotgenoten ontmoet. In gesprekken met hen zijn er geen taboes om over de diepste ellende en de diepste vragen te spreken. Dan ervaar ik hoeveel Mattia ons gegeven heeft door haar hele zijn… In haar leven, door alles wat ze geschreven heeft en ook na haar dood. We kregen alleen maar liefdevolle signalen zoals de dromen. En dat hoeft niet bij iedereen zo te gebeuren.’
Katja: ‘Ik ervaar dit ook als iets wat van Mattia uitgaat.’
Janpeter: ‘Ik kan dit als iets van God zien. Na Mattia’s dood ging ik God veel groter zien.’

Als alles dragend, bron van onze adem?

Janpeter: ‘Ja, dat maakt de ruimte zo groot dat ik al mijn dogma’s aan de kant mocht zetten… Door haar dood. Als we haar dood alleen vanuit haar eigen kleine aardse bestaan bekijken, dan is het heel erg verdrietig. Maar we hebben mogen zien dat de bron het draagt. Het is moeilijk om hier woorden aan te geven…’

Dit proces bracht jullie ook veel kracht. Heeft dat jullie aangezet om deze tentoonstelling ook aan anderen die door zelfdoding stierven op te dragen?

Katja: ‘Ja, het gaat goed met ons. De ruimte die we ervaren willen we graag delen.’

Janpeter: ‘Het is een geluk dat we schilderijen konden gaan maken. In beelden kan je uitdrukking geven aan wat met woorden niet zegbaar is. Ik wilde mijn serie schilderijen graag op een openbare plek tonen en toen werd ik benaderd door de Domkerk.
In die tijd begon Katja ook weer te schilderen en het paste om deze beelden samen te brengen. We dachten vrij snel aan een openingsbijeenkomst over zelfdoding, compassie en verder, om de troost en ruimte die wij hebben ervaren te delen met lotgenoten en anderen.
We weten dat er een taboe op het onderwerp zelfdoding rust. Daarom zijn we zo blij dat de Domkerk zich aandiende, want de kerk vervulde vanuit historie niet een goede rol hierin, en de Domkerk bood ons alle ruimte om deze tentoonstelling te maken. Wij doen dit om te delen, om Mattia recht te doen, om niet te verzwijgen hoe haar leven was. Het gaat ook over hoe mensen jarenlang niet kunnen spreken over wat hen overkwam en hoe dat hun leven heeft bepaald.’
Katja: ‘We hebben een gedenkwerk Heel en Al gemaakt waar mensen een rolletje papier met de naam van hun verloren verwante én hun eigen naam in een gaatje in een gouden paneel kunnen brengen, en zich daarmee in deze sacrale ruimte weer kunnen verbinden met elkaar.’
Janpeter: ‘Deze tentoonstelling en de openingsbijeenkomst hebben veel teweeggebracht. Dit voltrekt zich aan ons, de openheid van mensen ervaren we als een cadeau. Tegelijkertijd komen mensen naar ons toe om ons te sterken.

Wij voelen geen enkel verwijt of boosheid naar Mattia. We hebben alleen maar liefde gevoeld. Door wat ze geschreven heeft in haar dagboeken kwam ze nog dapperder over. Zij moest een verschrikkelijke lijdensweg bewandelen. We willen met dit project graag begrip genereren voor mensen die zo zwaar psychisch lijden dat er niets anders te doen was dan dit.’


De tentoonstelling van Katja Bosch en Janpeter Muilwijk Om Mattia en de Anderen (zelfdoding, compassie en verder) is tot 12 november 2017 te zien in de Domkerk van Utrecht. Op de website kun je de kunstwerken bekijken, er is een cd te koop met de muziek van Douwe Eisenga en een boekje met kunstwerken en teksten van Katja en Janpeter en diverse dichters. 

 

Heb je hulp nodig, of maak je je zorgen om iemand, dan kun je terecht op: www.113online.nl

Schilderijen: (van boven naar beneden)
Janpeter Muilwijk, Nieuwe celwanden, 2017, olieverf op linnen, 75 x 110 cm
Janpeter Muilwijk, Mijn eerste versluiering, 2016, olieverf op linnen, 75 x 55 cm
Janpeter Muilwijk, Mijn zevende versluiering, 2016, olieverf op linnen, 75 x 55 cm
Katja Bosch, Zonder titel 3, 2017, acryl op doek, 40 x 40 cm
Janpeter Muilwijk, Mijn derde versluiering, 2016, olieverf op linnen, 75 x 55 cm
Janpeter Muilwijk, Nieuwe celwanden, 2017, olieverf op linnen, 75 x 110 cm
Janpeter Muilwijk, Das Mädchen, 2017, olieverf op linnen, 150 x 100 cm. (bovendeel tweeluik)
Janpeter Muilwijk, Der Tod, 2017, olieverf op linnen, 75 x 110 cm
Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *