Als niet werken niet werkt

Rikko Voorberg geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Wat als niet werken niet werkt – PopUpGedachte vrijdag 3 november

Ik lees deze dagen weer het boek Zuchten van Diederik Stapel. De professor die onderzoeksresultaten grof manipuleerde en na ontdekking letterlijk gehaat werd door de hele academische wereld en alles en iedereen eromheen. Hij komt in een duistere depressie terecht waar hij verslag van doet in Zuchten. In het derde deel waarin hij langzaam een heel klein beetje weer opkrabbelt in een totaal wanhopige zoektocht naar iets van vastigheid, staat dit: “De anderen zijn echt. Net als de dingen. De appels, de bomen, de wortels in de grond, de vogels in de lucht, de stoel, de tafel de kussens (…) een vergeten sandaal. De anderen zijn echt. Ze zijn geen gedachten, gevoelens, emoties of andere constructies. Ze bestaan. Ik heb ze niet bedacht. En dat is het surplus. Ik kan ze vastpakken en tegen hen aanleunen. Als ik die verbinding niet voel, gaat het fout. Als ik afstomp, in de war raak of psychotisch word, verlies ik  mijn houvast. Dan zie ik de anderen niet meer – hoe echt ze ook zijn – en ben ik alleen met mijn malende gedachten. Dat is uiteindelijk mijn grootste angst: zo onthecht zijn dat de anderen er niet meer toe doet, dat ze er niet meer zijn, dat ik in mezelf opgesloten zit en geen – of maar één – uitweg weet. Soms kost het extreem veel moeite, maar als ik mezelf maar lang genoeg pijnig, lang genoeg dwing om mijn ogen echt open te doen, zijn ze er, de anderen. Ze nemen ruimte in en ik kan ze aanraken. De rest is onzin.

Met de ander wordt het echt. Aan de ander besta ik. Ik geloof dat Martin Buber het was die zei: alle leven is ontmoeting en een quote die we ooit voor een stilte-installatie hebben gebruikt waarbij je iemand een tijd in de ogen kon kijken hoog bovenop een steiger, in stilte: The shortest way from the self to the self is via the other.

Ik moet eraan denken omdat Jezus vandaag weer eens kritiek levert op de uitvoering van de Sabbat door zijn tijdgenoten. De religieuze elite had strikte geboden om de cultuur, de nationale identiteit en de gezamenlijkheid te beschermen. Zo werd het gebod dat je op de sabbat niet mocht werken omrand met allerlei voorschriften die duidelijk maakten wat wel en niet werk was. Uit respect voor het gebod, met hun God in het achterhoofd, maar zonder oog voor de ander. Heb God lief boven alles was het grote gebod, maar hoe ingewikkeld is het voor religieuzen om de ‘heb je naaste lief’ tot dezelfde hoogte te verheffen als dat eerste gebod. En dat geldt niet alleen voor religieuzen. Hoe vaak is de zin: ‘regels zijn regels, he?’ niet een manier om het medelijden dat je voelt met de ander – of het beroep dat de ander op jouw medegevoel doet – te pareren. Ik heb de regels niet bedacht, vindt het ook lullig. Regels belangrijker dan naastenliefde. Terwijl de ene dus niet belangrijker is dan de ander en we elke keer met elke regel voor een dilemma staan. En dat dit goed is. Omdat er geen harde regels zijn. Er is wel een ander hard feit: dat de ander er is.

Dit staat er: ‘Op een gegeven ogenblik werd Jezus een man gewaar die aan waterzucht leed. [opzwelling door ophoping van vocht in de lichaamscellen, aldus google] Daarop richtte Jezus zich ot de wetgeleerden en Farizeeën met de vraag: ’Mag men op de sabbat iemand genezen of niet’. Maar zij zeiden niets. Daarop legde Hij zijn hand op hem en genas hem en liet hem heengaan. Vervolgens keerde hij zich tot hem met de woorden: ’Wie van u zal niet terstond als zijn zoon of zijn os in een put valt, hen eruit trekken, ook al is het sabbat?’ Ze waren niet in staat er iets tegenin te brengen.

Geen regel is zo breed dat je erachter kunt schuilen. Wie zich kleedt in regels zal naakt blijken bij nader onderzoek, als de beroemde keizer die meende slim te zijn. De ander is de vraag. En die vraagt altijd om een afweging, een inschatting, een geweten, een hart en een ziel.

De wijsheid die het Joodse volk had meegekregen ging nooit om hen, maar om de ander. Om de wereld, om de toekomst. Het land dat ze hadden gekregen ging om de ander, de wereld en de toekomst. En in deze teksten gaat het niet om een abstracte ander. De gedachte dat als we ons allemaal aan de regels zouden houden, dat het dan voor iedereen beter is uiteindelijk. Dat is te makkelijk. Dan wordt de concrete ander slachtoffer van mijn idee over wat goed is voor alle mensen. Er zijn geen harde regels, alleen een concrete ander. En de vrijheid van die ander is de vrijheid van mij. Dit gaat niet over het wegcijferen van mijzelf, maar over het besef van belang van mijzelf ten opzichte van anderen. En over de persoonlijke verantwoordelijkheid die er is om te luisteren naar de vraag van de ander in relatie tot wat gewenst en passend is en wat zo hoort.

De ander wordt niet alleen uit het oog verloren in depressies, maar ook als er stress is over de eenheid van een Nederland, of bij de vraag of we het wel goed doen volgens ons geweten, volgens maatschappelijke normen, volgens God. Van Nazareth brengt ons terug bij de concrete ander, waar we horen. En waar verlossing is.

Hier vind je drie tekstgedeeltes die Rikko vanochtend las.

Eén reactie op “Als niet werken niet werkt”

  1. Idd. je nederig opstellen naar anderen toe. Neemt niet weg dat je wel eens (en voor zover dat het gaat), voor jezelf op moet komen in bepaalde situaties. Je kan je ook wel eens teveel wegcijferen t.o.v. de ander. Dat kan enorm zwaar zijn. Soms is dat (opkomen voor jezelf) niet altijd even makkelijk, omdat je bij voorbaat al ergens weet dat het dan wel eens heel anders uit kan gaan pakken. Wat meestal dan ook het geval is. Daarbij, ligt het er ook aan in wat voor situatie je zit. En dan moet je voor jezelf de afweging maken van wat wel en/of wat niet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *