seksualiteit

LHBTQ? Dat gaat ten diepste over hoe we naar de wereld kijken

Onlangs kwam het boek ‘Zwerven met God’ van de jonge Amerikaanse theoloog Brandan Robertson (1992) uit. Hieronder een leesfragment uit het spraakmakende boek.

Ieder ding of elk gedrag dat te complex is om te begrijpen wordt een fenomeen dat
als spiritueel of magisch beschouwd kan worden. Bryant McGill

Van alles wat ik ooit van mezelf heb moeten schrijven, is dit hoofdstuk het allermoeilijkst, voornamelijk omdat het over een onderwerp gaat dat zo persoonlijk is, dat ik me afvraag of het verstandig of wijs is er überhaupt over te schrijven. En toch is het er: een hoofdstuk over misschien wel het intiemste aspect van mijn persoonlijkheid – mijn seksualiteit. Ik ben huiverig om hierover te schrijven, niet omdat ik me ergens voor schaam of iets te verbergen heb, maar omdat als vandaag de dag iemand schrijft over seksualiteit, alle aandacht op dit onderdeel van zijn of haar identiteit komt te liggen. Ik ben bang dat als ik over mijn seksualiteit praat, ik ‘Brandan, de queer-christen’ word. Terwijl dat niet mijn identiteit is. Dat is niet wie ik ben.

Mijn voorkeuren en persoonlijke relaties definiëren niet mijn diepste persoonlijkheid, niet meer dan mijn religieuze overtuiging en etniciteit dat doen. Natuurlijk maken mijn seksuele voorkeur, religie en etniciteit allemaal deel uit van mijn identiteit, maar geen van deze elementen dekt volledig de lading van wie ik ben. Ik ben een christen, maar ik ben ook meer dan een christen. Ik ben een Schot, maar ook meer dan een Schot. En ja, ik identificeer mezelf als queer, maar dat is niet het enige wat mij als persoon definieert.

Hoe ik LHBT-activist werd

In het afgelopen jaar heb ik me fulltime beziggehouden met LHBT-activisme binnen christelijke geloofsgemeenschappen. Ik kwam volledig zonder opzet terecht in deze wereld, waarin ik ineens openlijk LHBT-activist werd. De route hierheen startte toen ik een tiener was en ontdekte dat mijn seksuele voorkeuren anders waren. Ik wist dat ik op meisjes viel en had in die tijd zelfs een relatie met een prachtig meisje uit mijn kerk. Ik voelde me echt tot haar aangetrokken en onze relatie was authentiek.

Maar tegelijkertijd voelde ik me ook aangetrokken tot mannen, zowel op school als in de kerk, en ik was bang voor wat dat zou kunnen betekenen. Ik had de voorganger van mijn grote fundamentalistische baptistenkerk vaak over deze zonde horen spreken als ‘sodomie’ en ik wist dat de Bijbel leerde dat homoseksualiteit een ‘gruwel’ was. Jarenlang bad ik tot God of hij deze zondige gevoelens weg wilde nemen en ik begon onderzoek te doen in de Bijbel en andere theologische boeken om meer duidelijkheid te krijgen over dit onderwerp.

Ik bleef worstelen met mijn seksualiteit

Deze interesse in christelijke theologie en seksualiteit en seksuele ethiek bleef bij me tijdens mijn studie, waarin ik kennismaakte met een grotere theologische breedte aan perspectieven op seksualiteit. Ik bleef worstelen met mijn eigen seksuele geaardheid en met wat het betekende dat ik zowel op vrouwen als op mannen viel. Ik vroeg advies aan professoren, voorgangers en theologen, die ik in en rondom de school ontmoette.

Ze kwamen allemaal met een ander advies. Sommigen raadden mij aan om celibatair te leven, anderen om aan een genezings- therapie te beginnen zodat ik van mijn ‘seksuele gebrokenheid’ bevrijd zou worden en weer anderen moedigden mij aan om deze gevoelens juist te omarmen als onderdeel van hoe God mij gemaakt had.

Tijdens mijn studie heb ik elk van deze oplossingen geprobeerd. Voor een tijdje overtuigde ik mezelf ervan dat ik celibatair zou leven. Ik zocht naar de voorwaardes voor een priesterwijding in de Rooms-Katholieke kerk, zodat ik onderdeel zou zijn van een gemeenschap waarin ik rekenschap zou afleggen en het zou kunnen uithouden als celibataire voorganger. Twee maanden lang sprak dit idee mij aan, tot ik bij zinnen kwam en me realiseerde dat ik nooit een celibatair leven zou kunnen leiden.

Of celibatair leven of geëxcommuniceerd worden

Snel hierna kwam ik in contact met een professor die genezen was van zijn homoseksuele gevoelens door een psychologische/spirituele praktijk genaamd ‘gebedsgenezing’. Gedurende een jaar ontmoette ik deze professor wekelijks voor diep emotionele en intense ‘gebedssessies’, waarbij we door een aantal diepgewortelde wonden uit mijn verleden gingen, die bijgedragen zouden hebben aan mijn homoseksuele gevoelens. Als resultaat van het diepe graven in mijn ziel tijdens dit gebed, vond ik daadwerkelijk heling. Maar hoe deze vooruitgang mij ook hielp bij het genezen van de wonden van mijn verleden, mijn gevoelens bleven hetzelfde.

Tijdens al mijn eigen pogingen om af te komen van mijn ‘homoseksuele gevoelens’, hoorde ik voortdurend verhalen en ontmoette ik mensen die dezelfde weg hadden afgelegd in een poging om ‘genezing’ en ‘herstel’ van hun seksuele geaardheid te vinden. Veel van hun ervaringen waren nog veel moeilijker dan die van mij. Veel mensen met wie ik contact kreeg, hadden verhalen van intense pijn en trauma.

Ze waren gedwongen geweest om nog intensere christelijke ‘therapieën’ te volgen, die hen alleen nog maar meer wonden bezorgden. Veel van deze individuen waren voor de keuze geplaatst om of celibatair te leven of om geëxcommuniceerd te worden uit hun kerk en familie. Veel van hen zijn met zoveel pijn en angst weggegaan dat het ze onmogelijk lukt om nog in de buurt van een kerk te komen.

Een hypocriete groep farizeeërs

In deze zelfde periode begon ik me steeds onbehaaglijker te voelen over hoe de kerk omging met gelijke rechten voor LHBTQ’ers op een maatschappelijk niveau. We bepaalden niet alleen over mensen met homoseksuele gevoelens in onze eigen gemeentes, maar we probeerden LHBTQ’ers buiten de kerk ook nog eens te vertellen dat ze zich moesten aanpassen aan onze ‘Bijbelse’ seksuele ethiek.

We verkondigden niet het evangelie, dat alle mensen uitnodigt zoals ze zijn, maar een boodschap die van LHBTQ’ers eiste dat ze zich aan onze maatstaven van heiligheid zouden conformeren voordat ze in het lichaam van Christus verwelkomd zouden worden. En in plaats van het van onderop bouwen aan het Koninkrijk van God door middel van subversieve kleinschalige daden van liefde en gerechtigheid, kozen sommige christenen ervoor om deze issues aan te pakken op een wereldse manier – via macht en politiek.

Het werd mij duidelijk waarom de LHBTQ-gemeenschap op zo’n grote schaal vijandig staat tegenover het christendom – want in plaats van dat wij de mensen waren die de inclusieve liefde van Jezus belichaamden, waren we een hypocriete groep farizeeërs, die zichtbaar wezenlijke schade aan- richtte aan individuen en gezinnen onder het mom van ‘staan voor de waarheid’.

Een van de meest complexe aspecten van mens-zijn

Door deze verhalen en ervaringen besloot ik dat ene te doen waarvan ik wist hoe het moest om iets publiekelijk aan te kaarten – ik begon een blog. Mijn blog Revangelical riep op tot hervormingen binnen het evangelische christendom en als er ergens hervorming nodig was, was het wel op dit gebied. Ik wist niet zo goed wat ik theologisch moest met de vragen rondom homoseksuele gevoelens en relaties en ik was er ook niet op uit om daarop in te gaan. Die vragen waren secundair.

Wat ik wel wist was dat christenen gefaald hadden in het vertegenwoordigen van het goede nieuws van Jezus naar de LHBTQ-gemeenschap, en dat dit veel verwoesting had achtergelaten. Tijdens mijn eigen worstelingen over mijn persoonlijke seksualiteit en theologie bleef ik bloggen over hoe de kerk had gefaald in haar omgang met de LHBTQ-gemeenschap. En zo werd ik een christelijke LHBTQ-activist.

LHBTQ’er-zijn staat niet op gespannen voet met christen-zijn

Door de jaren heen zijn mijn theologische en politieke standpunten over LHBTQ-gelijkheid en inclusie veranderd. Door grondige bestudering van de Bijbel, waarvoor ik afreisde van de bibliotheek in Chicago naar de ruïnes van de oude stad Korinthe in Griekenland, door jaren van vurig gebed en luisteren naar God, door het horen van talloze verhalen van mijn LHBTQ-vrienden, naasten en kennissen, en door de pogingen om mijn eigen seksualiteit te genezen en veranderen, ben ik veranderd in hoe ik als gelovige aankijk tegen seksualiteit en LHBTQ.

Ik geloof dat God LHBTQ-huwelijken zegent, dat relaties van trouw tussen mensen van hetzelfde geslacht een weergave zijn van de liefde en heerlijkheid van God, en dat het LHBTQ’er-zijn niet op gespannen voet staat met christen-zijn. Tegelijkertijd moet ik eerlijk toegeven dat mijn overtuigingen over de details van seksualiteit altijd onaf zijn gebleven, voortdurend aan verandering en ontwikkeling onderhevig. En ik denk dat dit ook zo hoort. Als we het over seksualiteit hebben, hebben we het namelijk over een van de meest complexe aspecten van wie we als mensen zijn.

Niets is in steen gebeiteld

Als het gaat over mijn eigen persoonlijke seksualiteit dan gebruik ik, net zoals veel andere millennials, het label ‘queer’. Voor mij verwijst dit meer naar mijn hele levenshouding dan alleen naar specifiek mijn seksuele voorkeur. Voor mij is alles fluïde. Alles verandert, boekt vooruitgang en ontwikkelt zich, naarmate we groeien in ervaring en kennis. Op het gebied van mijn seksualiteit betekent dit dat mijn gevoelens twee kanten uitgaan, maar dat het net zo goed kan zijn dat ze ooit aan een van de twee kanten gaan eindigen. Niets is in steen gebeiteld.

Ik voel geen enkele verplichting om een label te gebruiken dat voor mij vastlegt wat mijn seksuele oriëntatie is. Geen van deze woorden doet echt recht, omdat mijn ervaring me vertelt dat het moment waarop ik ervoor kies om als hetero of homo of biseksueel door het leven te gaan, het moment is waarop mijn gevoelens veranderen en het label niet langer klopt. Voor mij komt ‘queer’ het dichtst in de buurt van een label waarbij ik me comfortabel voel en dat recht doet aan hoe ik over mezelf denk en hoe ik in elkaar zit.

Seksualiteit is complex

Maar mijn ervaring is niet universeel. Zoals ik al zei: seksualiteit is complex. Ik hoor veel mensen hun frustratie uiten over de eindeloze stroom aan nieuwe labels en taal over seksuele voorkeur en genderidentiteit. Tien jaar geleden was het nog homo en hetero. Toen werd biseksueel toegevoegd, toen transgender, toen queer. Daarna interseks en aseksueel. En het aantal termen blijft groeien, omdat we in een tijdperk leven waarin gesprekken over seksuele voorkeur en genderidentiteit steeds minder taboe worden, waarin meer mensen zich vrij voelen om eerlijk te zijn en te praten over hoe zij in elkaar zitten.

Deze oriëntaties zijn niet nieuw. Er openlijk over praten is echter steeds gebruikelijker aan het worden, nu de publieke schaamte over deze onderwerpen aan het verdwijnen is. Er zijn net zoveel seksuele voorkeuren, genderidentiteiten, persoonlijkheden en verschillende soorten spiritualiteit, als dat er unieke mensen zijn. Nu we een periode van de menselijke geschiedenis ingaan waarin we eindelijk de oneindige creativiteit van het universum en de intrinsieke uniciteit van elke molecuul en atoom ontdekken, zullen we omver geblazen blijven worden door de excentriciteit van ieder persoon.

Niet wie we liefhebben, maar hoe we liefhebben

We zijn allemaal fluïde, we veranderen allemaal en we boeken altijd vooruitgang. En we zullen altijd groeien. Dit is onderdeel van wat het betekent om geschapen te zijn naar het beeld en de gelijkenis van een oneindige God. Hoe eerder we ons verlangen naar het labelen en in hokjes stoppen van de ander opgeven, hoe eerder we onszelf en onze wereld openstellen naar ware vrijheid. In deze vrijheid, waarin we daadwerkelijk kunnen zijn zoals God ons ontworpen heeft, zal onze focus verlegd worden van de vraag wie we liefhebben naar de vraag hoe we liefheb- ben. We leren inzien dat seksualiteit, zoals elk ander aspect van onze persoonlijkheid, moreel neutraal is, en dat in de keuzes die we maken als volledig geïntegreerde individuen de echte vragen over gerechtigheid en moraliteit liggen.

Als er verandering of vooruitgang plaatsvindt, is er ook altijd sprake van angst. Elke keer dat er iets verandert in onze wereld worden we bang, omdat we gewend zijn geraakt aan en ons comfortabel voelen bij de dingen zoals ze waren. Altijd als er iets nieuws ontdekt wordt dat de manier waarop we in deze wereld leven verandert, reageren we met terughoudendheid en verzet.

We leven in een geweldige periode van verlichting op het gebied van menselijke seksualiteit en tot op zekere hoogte zijn we allemaal terughoudend geweest. Deze terughoudendheid manifesteert zich op verschillende manieren. Voor sommigen manifesteert het zich als gewelddadig verzet tegen verandering, voor anderen doemt het op als een diepe angst. En voor weer anderen manifesteert het zich als een getemde nieuwsgierigheid.

Het is niet altijd zo duidelijk

Ikzelf worstel nog steeds met het accepteren van de fluïditeit van mijn seksuele geaardheid. Ik worstel met het grote aantal vragen en de angsten die komen kijken bij het achterlaten van de oude manieren van denken over hoe mensen seksueel en psychologisch in elkaar zitten. Maar naarmate ik mezelf meer heb toegestaan om mijn angsten naar de achtergrond te laten verdwijnen en mijn hart en hoofd opengesteld heb voor de mogelijkheid dat dingen niet altijd zo duidelijk zijn als we ooit dachten, heb ik een bevrijding en schoonheid ervaren die niet in woorden te vatten zijn.

Want er is niets mooiers dan onszelf de vrijheid te geven om te zijn wie we echt zijn zonder de angst voor afwijzing en veroordeling. Ik weet dat ik nog niet eens begonnen ben de complexe relatie die ik ben te begrijpen, maar ik heb besloten om met elke nieuwe stap die we als mensen zetten open te blijven. We hebben het antwoord nog niet. Geen boek, geen religie, geen wetenschap is er ooit in geslaagd om zelfs maar in de buurt te komen van een verklaring van wie we zijn, en ik vermoed dat ze dit ook nooit zullen doen.

Onze categorieën zijn niet zo relevant

Dit lijkt misschien een apart einde van een hoofdstuk over seksualiteit. Maar ik heb ontdekt dat deze gesprekken maar voor een klein deel over seksualiteit gaan. Het gaat over zoveel meer dan gevoelens en geaardheid. Zoals over hoe we ten diepste naar de wereld kijken, over hoe we omgaan met kennis en vooruitgang. Het gaat over hoe we onszelf zien als mensen in deze wereld. Het zijn vragen over waarom we hier zijn en waar we heengaan.

In dit alles kunnen we zeker zijn van één ding: onze wereld breidt zich uit. Ons begrip groeit. De dingen worden niet eenvoudiger, ze worden veel complexer en diverser. Hoe dieper we gaan en hoe verder we reizen in onze zoektocht naar de dieptes van de werkelijkheid, hoe minder relevant onze categorieën en ons begrip van de wereld worden.

Mogen we bij elke nieuwe steen die we omdraaien en elke nieuwe ontdekking die we doen over de betekenis van het menszijn, onze angst verliezen, onze terughoudendheid loslaten en de Rivier van Liefde de ruimte geven om ons vooruit te duwen, dichter en dichter bij de grote oneindige Oceaan, die we kennen als God. De rivier is soms misschien turbulent, maar als we onze twijfels overgeven en erop vertrouwen dat de Kracht die ons voortduwt ons bij de vrijheid brengt, dan kunnen we ons toevertrouwen aan de machtige stroom en het Leven in volheid binnengaan.


Zwerven met God | Brandan Robertson | uitgeverij Kok | € 16,99

Bovenstaande tekst is een ingekorte versie van hoofdstuk 11 uit het boek ‘Zwerven met God’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *