Ze komen van heinde en verre

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag.

Ze komen van heinde en verre – PopUpGedachte 4 december 2017

Ik ben fan van Stephan Sanders, het is zo. Er is weinig aan te doen. Voorbij alle intellectualiteit, in alle rust, heeft hij de God van Abraham, Izaak en Jakob gevonden. Hij weet zo goed te verwoorden hoe onlogisch, maar onafwendbaar die vondst is voor hem. Dat het werkelijk absurd is om te zeggen dat de dood is overwonnen, absurd en onbegrijpelijk. Maar ga er maar eens aanstaan. En dat is wat hij doet. Er aan gaan staan. Waarbij ik niet weet wat het betekent noch wat hij daarmee bedoelt, maar je kunt constateren dat hij twee dingen niet doet: ‘weglopen omdat het geen betekenis zou hebben’ maar ook niet ‘blijven en die betekenis uitleggen’. Hij zet zichzelf naast die zin in het bankje en blijft daar zitten, elke zondag een uur of misschien wel vaker. En zo verandert zijn leven. Bij Stephan Sanders is geloof een geloven geworden, hij is niet van het weten, noch het uitleggen of verdedigen of toepassen dan wel interpreteren. Hij duidt enigszins wat het hem doet. En verder is hij gelovige geworden. Punt.

‘Bij niemand in Israël heb ik een zo groot geloof gevonden’, zegt Jezus van Nazareth vanochtend. Hij reageert op een Romein, een centurio. Zijn knecht is ziek en hij vraagt Jezus om hem te genezen. Jezus zegt dat hij eraan komt, de man antwoordt dat dat niet hoeft. Hij is zelf bevelhebber en als hij zijn soldaten opdracht geeft om iets te doen, dan doen ze dat. ‘een enkel woord van u is voldoende om mijn knecht te doen genezen.’ Jezus staat verbaasd. Niemand in Israël heeft deze overtuiging. Niet zo.

Jullie protestanten, zegt Stephan, zijn zo van het woord. Hij kan daar niet zoveel mee. Het ondergaan, beleven, onderzoeken. De worsteling met een leer die maar voortdurend tot zonde wil verklaren wat hij ten voeten uit is: homoseksueel. En toch, zegt hij zelf verwonderd, is dat wat ik hier vind belangrijker dan dat wat ik ben, blijkbaar. Stephan praat niet over inspirerende voorgangers, over krachtige exegeses en boeiende toepassingen. Het is puur de ontmoeting met het omineuze, het goddelijke, zoals dat plaatsvindt in de katholieke liturgie.
Een geloof dat groter is dan hijzelf, een zo groot geloof als in vele kerken nog niet is gevonden. Niet vanwege zijn eruditie of ervaring of wat dan ook, maar vanwege het vele dat hij overwonnen heeft en het vele dat hij niet hoeft te overwinnen omdat het er gewoon mag zijn: het onbegrip, de twijfel, de onkunde, de weerzin en alles. Met dat alles in de bankjes en beseffen dat je er wil zijn, hier en nu onder de klanken van woorden die herinneren aan een godsgrote aanwezigheid.

Zijn vijfde evangelie is Gerard Reve. En zijn belangrijkste, zegt Stephan. Vanwege de homoseksualiteit en het verlangen. Het is de man die op 3 november 1966 door een rechter werd veroordeeld vanwege godslastering na een aanklacht van een SGP-voorman. Het zogenaamde ‘Ezelsproces’ waarbij hij in hoger beroep werd vrijgepleit. Reve verkoos voor zichzelf een bijna ondenkbare vrijheid in de omgang met het goddelijke, bloedserieus en speels en nogal intens. Zoals een Romeinse hoofdman die meer vertrouwen heeft in Jezus van Nazareth dan enige van zijn volksgenoten en zonder enige plichtplegingen van hem vraagt om te doen wat in zijn macht ligt.

Dit schreef Reve, een avondsluiting op de vroege ochtend:

Eigenlijk geloof ik niets,
en twijfel ik aan alles, zelfs aan U.
Maar soms, wanneer ik denk dat Gij waarachtig leeft,
dan denk ik, dat Gij Liefde zijt, en eenzaam,
en dat, in dezelfde wanhoop, Gij mij zoekt
zoals ik U.

Het zijn intellectuelen als Stephan Sanders, en Christian Wiman, de man die Mijn Heldere Afgrond schreef. Zij verdedigen geen geloof, zij omarmen niet de kerk, maar schoorvoetend zijn zij steeds weer die gelovige omdat het niet anders kan. Zij komen uit het Oosten en het Westen en zitten onwennig aan de tafel, tot brood en voldoende wijn de tong heeft losgemaakt en het harnas is verdwenen. Zij komen van heinde en verre en zitten aan. Omdat ze niet anders kunnen, niet meer. Al vindt het intellect er het hare van. Toch kan het niet anders.

Hier vind je drie tekstgedeeltes die Rikko vanochtend las.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *