Hoe leren we onze kinderen vrijgevigheid?

Oei, kinderen van gelovige ouders blijken minder vrijgevig en empathisch te zijn dan kinderen van atheïstische ouders! Hoog tijd om van Jantine te horen hoe onze kinderen toch vrijgevigheid kunnen leren.

Eerlijk zullen we alles delen?

Kinderen van atheïstische ouders zijn vrijgeviger en empatischer dan de kinderen van gelovige ouders, zo bleek uit een onderzoek in 2015. Toch wordt vrijgevigheid door velen geassocieerd met het (christelijk) geloof. Wat zegt de bijbel over vrijgevigheid? En hoe kunnen we dit onze kinderen aanleren?

Laten we beginnen bij het begin: Wat staat er in de bijbel over vrijgevigheid. Eén van de teksten die naar voren komt wanneer je het woord ‘vrijgevigheid’ intypt in de online bijbel, is Tobit 12: 7 -9.

Doe het goede, dan zal het kwaad je niet treffen. Een oprecht ​gebed​ vanuit een oprecht gemoed en een gift uit eerlijk verworven bezit zijn beter dan oneerlijk verkregen rijkdom. Het is beter anderen te helpen dan goud op te hopen. Vrijgevigheid behoedt je voor een vroegtijdige dood en neemt al je ​zonden​ weg.

Dankbaar en gul

Maar wat is vrijgevigheid precies? In de encyclopedie staan er verschillende definities zoals: ‘als je gemakkelijk geld of dingen weggeeft”,  ‘gul’, ‘edelmoedig’, ‘filantropisch’, ‘genereus’, en ‘onbaatzuchtig’. Het zijn allemaal prachtige woorden, waarvan je graag zou willen dat deze op jou van toepassing zijn. Vrijgevigheid wordt daarnaast vaak gekoppeld aan dankbaarheid: wanneer je dankbaar bent voor alles wat je hebt, ben je eerder geneigd om andere mensen te laten delen in jou geluk en zegeningen. Dit staat onder meer ook in de 2e brief aan de 2 Korintiërs 9:11.

U bent in ieder opzicht rijk geworden om in alles vrijgevig te kunnen zijn, en uw vrijgevigheid leidt door onze bemiddeling tot dankzegging aan God.

Een voorwaarde voor het meegeven van ‘vrijgevigheid’ als deugd aan je kinderen lijkt dan ook te zijn dat je ze bewust maakt van datgene wat ze al hebben. Dit kan op verschillende manieren.

Tellen

Zo is het een optie om alle dingen te tellen, te benoemen, te turven die jullie thuis wel hebben, en kinderen in armere landen niet. Denk hierbij niet alleen aan speelgoed, maar ook aan ramen, kranen, kachels, schoenen, maaltijden, etc. Dit kun je koppelen aan het danken van God voor deze dingen, het bidden voor kinderen (en volwassenen) die dit niet hebben, of het geven van een bepaald (zak)geldbedrag aan een organisatie of stichting die arme kinderen helpt.

Zelf ervaren

Een andere, wat rigoureuzere, optie is om een dag te leven in een situatie als mensen die het minder hebben dan jij. Zet in de herfst de kachel een dag niet aan – of op een graad of 15 –, eet enkel drie eenvoudige maaltijden, doe al je activiteiten lopend, haal het speelgoed weg, etc.  Zo ervaar je met je hele gezin hoe het is om in moeilijke omstandigheden te leven. Voor de iets oudere kinderen is het een leuk idee om een keer mee te doen aan een Nacht zonder dak. Vaak wordt dit door kerken en soms ook door scholen georganiseerd: de kinderen slapen een nachtje in hutjes die ze zelf van kartonnen dozen hebben gemaakt, en zamelen zo geld in.

Eigen keus

Wanneer kinderen bewust zijn van dat wat ze hebben, dan is het ook makkelijker om hiervan te delen. Het is echter belangrijk dat je kinderen niet verplicht om iets te delen. Of het nu gaat om speelgoed of een zakje met snoep delen: iets verplicht doen, dat roep negatieve associaties op. Vrijgevigheid aanleren is vertellen dat het goed is om een ander mee te laten delen in jouw geluk, maar je moet kinderen – zolang het verantwoord is – hierin zelf de keuze laten.

“Je hoeft niet perse rijk te zijn om vrijgevig te zijn.”

Iedereen heeft iets te delen

Het gaat daarbij niet alleen in vrijgevigheid in speelgoed of eten, maar ook in vrijgevigheid in vriendschap, aandacht, liefde. Dit betekent dat je niet perse rijk hoeft te zijn om vrijgevig te zijn. Ook dit is belangrijk om je kinderen voor te houden. Hebben jullie het thuis niet zo breed? Dan kun je jouw kinderen alsnog leren dat ze hun vriendschap en aandacht, hun vrije tijd vrij uit kunnen delen. Bijvoorbeeld aan buren die hulp nodig hebben bij het boodschappen doen, of aan een kind uit de klas dat wel een vriend kan gebruiken. Iedereen heeft namelijk iets te delen.

En jij? Hoe leer jij je kinderen om vrijgevig te zijn? Wat hebben zij volgens jou te delen?


Jantine Huisman is godsdienstwetenschapper, pedagoog en kerkelijk werker Jeugd en Jonge gezinnen. Ze vraagt zich af hoe je geloofsopvoeding aanpakt en combineert in haar zoektocht haar praktijkervaring met de theorie uit de boeken. Voor Lazarus schrijft Jantine blogs over opvoeding.

Correctie: Het betreffende onderzoek dat wordt aangehaald is achterhaald.Het bleek dat de onderzoekers appels met peren vergeleken. Uit meta-analyses van vele andere onderzoeken die grootschaliger waren en netter uitgevoerd, blijkt juist het tegenovergestelde. Alsnog zijn de adviezen prima. 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *