Thuis heb je niets te zoeken

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

Thuis heb je niets te zoeken – PopUpGedachte maandag 5 maart

En opeens ruikt het naar voorjaar. De lucht licht. Gek hoe snel dat opeens kan gaan. Eergisteren vroor het nog dat het kraakte en twee dagen later voel je de naderende lente. Ik wordt er gelukkig van, opstaan is makkelijker, het hoofd voelt helderder, het hart ruimer. Tijd voor een nieuw seizoen.

Vanochtend zegt Jezus van Nazareth tegen zijn dorpgsgenoten – hij is na lange omzwervingen even terug in het dorp waar hij is opgegroeid – ‘Voorwaar, ik zeg u: geen profeet is heilzaam voor zijn vaderstad.’ Dat vind ik een fascinerend zinnetje. Het klinkt als een staande uitdrukking, ik ken het zinnetje al wat langer. Maar vandaag blijft hij haken. Thuis heb je niets te zoeken, er is geen eer te behalen in het nest waar je vandaan komt, of je roeping en je opdracht ligt niet in het nest waar je uit vertrokken bent.

Net als elke vele zoekende twintigers hoopte ik op erkenning en steun in mijn zoektocht, en kreeg dat soms maar het is niet gauw genoeg. Ook was er waarschuwing en onbegrip. En ik bracht in de weekenden naar huis wat ik had geleerd, maar dat leidde eerder tot vervreemding dan tot verder begrip. Toch was dat wat ik had geleerd belangrijk voor mij en levensveranderend, dat moest toch gedeeld en begrepen? Tot het moment dat je realiseert dat je de weg zelf moet gaan. En dat begrip of niet, waardering of niet, er geen andere weg is dan degene die je zelf gekozen hebt. Terug kan niet meer. Het nest is te klein, de eierschillen zijn allang vergaan, de vormen van vroeger zijn gemaakt voor toen en hebben wel wat rek maar ze blijven van vroeger.

Zou het voor iedereen gelden? Dat je thuis niets te zoeken hebt? Als het gaat om de rol in je leven, de taak die je hebt. Er zal vast iemand zijn die in zijn geboortedorp een belangrijke rol gaat spelen. Toch is er ook voor diegene een breuk met zijn jeugd en kind-zijn. Op een gegeven moment is dat afgelegd en kun je niet meer terug. Er is een nieuw mens opgestaan die opeens een rol krijgt in het gemeentebestuur of die voetbaltrainer is geworden van de lokale jeugd. Had je’m vroeger ook niet gegeven, zeggen oudere dorpelingen dan. Of juist: dat zat er altijd al in. Maar hij of zij kan niet meer behandeld worden als het kind-van-het-dorp dat het vroeger was, want dat is er niet meer.

En voor profeten geldt dat helemaal zegt Jezus van Nazareth hier. En ik zou niet weten wie dat zijn he? Profeten. Profeet van het nihilisme, dat was Nietzsche. Dat is iemand die een bepaald perspectief op de wereld rondbazuint alsof het zaligmakend is. Misschien is dat het wel: met opgroeien heeft iedereen in meer of mindere mate een nieuw perspectief ontwikkeld op de wereld. Terugkijkend heb je het idee dat de schellen van je ogen zijn gevallen en dat het anders zit dan je altijd dacht. En dat verhaal is dus niet bedoeld voor thuis. Dat is niet bedoeld om het eigen volk in mee te nemen. Of nog anders: de kans dat het lukt om het eigen volk, je eigen thuis of je eigen vroegere omgeving daarin mee te nemen is nihil. Dat lijkt Jezus hier te impliceren.

En dan verwijst hij naar de Joodse geschiedenis. Hij verwijst naar een oude hongersnood in de tijd van Elia, die tijdens de hongersnood door de eeuwige naar een weduwe buiten Israel gezonden werd en een zegende uitwerking had op haar huis. Daar werd geen honger geleden. En er waren nogal wat melaatsen in Israel, zegt Jezus, maar wie wordt er genezen: ene Naaman, een legeroverste uit een vijandig land die op zoek is naar de profeet. Het is niet voor jullie, lijkt Jezus te zeggen.

Dat wat ik gevonden heb in mijn leven is niet bedoeld om datgene waar ik vandaan kom te veranderen. Hoe gek dat ook voelt, want het hemd is nader dan de rok en het bloed kruipt waar het niet gaan kan en meer van dat soort onlogische maar staande uitdrukkingen. Je wilt juist uit loyaliteit graag teruggeven aan degenen die je ergens gebracht hebben wat je hebt opgedaan, zodat zij ook komen waar jij bent. Of zien wat jij hebt gezien. Maar misschien is dat helemaal niet de bedoeling. En dan mag je dus ouders, vrienden, kerk, dorpelingen, stedelingen, wie dan ook hartelijk bedanken dat je op weg geholpen bent. Of dat ze er waren voor je. Als dat zo was, tenminste. En is het niet de bedoeling om terug te keren maar om verder te gaan. Met wat je hebt gevonden. Voor en met anderen dan degenen die je zo goed kennen. Dan ligt de toekomst voor je, niet achter je. En heb je thuis niet per se iets te brengen, of te zoeken, dan verbinding en vroeger en meer niet.

Geen profeet is heilzaam voor zijn vaderstad. Taak voor de profeet om op pad te gaan. Taak voor de vaderstad om uit te zwaaien en te vieren dat iemand op pad is gegaan. En dat het anderen iets brengt. En daar dan gelukkig mee zijn.

 

Hier vind je drie tekstgedeeltes die Rikko vanochtend las.

 

Eén reactie op “Thuis heb je niets te zoeken”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *