Rikko Voorberg Lazarus staat op

Dat het allemaal werkelijk toekomst heeft

Rikko geeft op de vroege ochtend inspiratie om de dag bewust te beginnen. Hij leest om 6 uur de teksten uit een oud kerkelijk leesrooster en zo rond 7 uur deelt hij de gedachte die dan op-popt. Elke werkdag te lezen en te beluisteren.

Dat het allemaal werkelijk toekomst heeft -= PopUpGedachte 5 april 2018

‘Blijf het doen, he! Zolang het maar geen moeten wordt’ dat zei iemand tegen me gisteravond die ook de PopUpGedachtes volgt. Maar het is allang een moeten. Het was vanaf het begin een moeten. Een soort welgemeend, bijna-heilig moeten. Een moeten vanwege het willen, een wat-moet-dat-moet-moeten en dat is heus niet zo erg als het lijkt. Al bleef ik dus prompt vanochtend liggen. Normaal moet ik van mezelf mezelf uit bed meppen om 6 uur, ongeacht de lengte van de nacht. Dat klinkt sadomachistischer dan het is. Je weet dat je er uiteindelijk vrolijk van wordt, je hoeft alleen maar dat dooie punt voorbij. Vanochtend ging dat dus niet. Het dooie punt bleef een dood punt. Toch onbewust de vrijbrief aangenomen van de lezer gisteravond. En met plezier hoor. Want het moet dan wel, maar het hoeft allemaal niet natuurlijk. Paradoxaal als dat mag klinken, is het wel waar. Het moet absoluut, net als sporten moet. Maar het hoeft niet, net als sporten niet hoeft. Tenzij op doktersvoorschrift.

Kortom, het is laat geworden en ik heb er plezier in: Zondig dapper, zei Luther maar geloof nog dapperder. Ik zondig graag tegen mijn principes en ik geloof nog dapperder, dat ook, geloof ik. Dan de lezingen van vanochtend, want daar gaat het om. Een fijne plastische beschrijving van de eerste ontmoeting met Jezus van Nazareth na zijn dood. Voor degenen die nu al zijn afgehaakt omdat Jezus natuurlijk niet écht wederopgestanden kan zijn – geloof je dat soort dingen, beste Rikko Voorberg?  Hold your horses. De leerlingen geloofden het ook niet. Zij schrokken zich de ziekte en in een cultuur, die wij in het superieure Westen tegenwoordig zo welluidend beschrijven als een ‘achterlijke’ cultuur denken ze natuurlijk dat het een geestverschijning is. En er is een vrij harde regel; als je geesten ziet ga je dood. Het is niet anders. Voorbode van het einde, gedaan met alles. Begin van de overgang naar een andere staat van zijn. Dat was vanzelfsprekend anno toen en dus schrikken ze zich dood, de leerlingen, bijna dan. Waarop de verschijning zegt: hoeft niet, rustig maar. Of beter: vrede zij u. Wat ongeveer elke goddelijke verschijning lijkt te zeggen in de oude teksten, als die verschijning er niet op uit is om verwoesting aan te brengen. Vrede zij u maria, gezegende onder de vrouwen, want u zult een kind krijgen. Vrede zij u, beste discipelen, het is niet zo erg als het lijkt. Haal diep adem, controleer de hartslag en luister even. En dan zegt de verschijning: “Kijkt naar mijn handen en voeten: Ik ben het zelf. Betast Mij en kijkt: een geest heeft geen vlees en beenderen, zoals ge ziet dat Ik heb.’ En na zo gesproken te hebben toonde Hij hun zijn handen en voeten. Toen ze het van vreugde en verbazing niet konden geloven, zei Hij tot hen: ‘Hebt ge hier iets te eten?’ Zij reikten Hem een stuk gerooster­de vis aan; Hij nam het en at het voor hun ogen op.” Simpele conclusie, een geest heeft geen darmstelsel dus daar valt een stuk vis dwars doorheen. Bij deze verschijning bleef het keurig zitten, oftewel, hier hebben we niet te maken met een zinsbegoocheling maar met iets levends. Dat hartstikke dood geweest is, dat wel.

Dit is de grootste bekrachtiging van het eigen lijf en van deze aardkloot die in de teksten voorkomt. Behalve de schepping misschien, maar na de schepping ging het zo rap mis, maakten we er zo’n bende van dat we graag verlost wilden worden van deze planeet die we aan het verkloten waren. Diep, hard en ongenadig aan het verruineren. De meeste godsdiensten vormden zich als antwoord op de vraag hoe we verlost konden worden uit de puinhoop die we ervan gemaakt hadden. En dat kon. Gewoon geloven in een hemel, een nirwana, een mystieke verlichte sfeer, een geesteswereld, een energie out there, wat dan ook. En heel eerlijk, een heel erg groot deel van het christendom is ook gegrepen door die behoefte en misleid door die gedachte: dat we verlost moesten worden van deze aardkloot en uit dit leven. En ik noem het maar misleid, want wat hier in deze teksten gebeurt is een krachtig tegengif tegen die gedachte. De herboren Jezus van Nazareth eet vis. Dat is de toekomst. Sorry voor alle hardcore veganisten en degenen die geen vis lusten. Er wordt gegeten, misschien is er ook een veganistisch alternatief. Maar voor de neus van de leerlingen staat het toekomstbeeld van na-de-dood. Totaal absurd en onbegrijpelijk en je kunt er alle kanten mee op; behalve de kant van het verlost worden van deze aardkloot om in een niet-fysieke hemel de rest van je leven op een wolk te zitten en wattige liedjes te zingen. JC komt niet verlossen van dit aardse leven, hij komt het aardse leven zelf bevrijden, heroveren, opnieuw indelen tot een bestaan wat weer klopt. Waar dioxine-vis is uitgebannen en degene die twee vissen heeft ze niet alleen deelt met degene die honger heeft, maar ze allebei aan de ander geeft – omdat er genoeg is. Omdat de wereld weer te vertrouwen is.

Dit zegt de psalmenschrijver vanochtend:

Wat is dan de sterveling dat U aan hem denkt,
het mensenkind dat U naar hem omziet?

Ja man, wat zijn we nu helemaal. We zijn zoveel dierlijker en lulliger dan we bedoeld zijn. Maar soms zijn we anders, soms wordt iemand groots, en vergevend en dienend en kwetsbaar en verantwoordelijk. Want dit is ook waar:


Niet veel minder dan een engel hebt Gij hem geschapen,
hem omkleed met schoonheid en met pracht;
heel uw schepping aan hem onderworpen,
alles aan zijn voeten neergelegd.

Hier vind je drie tekstgedeeltes die Rikko vanochtend las.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *