nadia bolz weber

Nadia Bolz-Weber: ‘Ik ben hier om te zeggen dat Gods genade bevrijding kan brengen’

Vrijspraak voor losers: zo heet het nieuwste boek van de Amerikaanse lutherse predikant Nadia Bolz- Weber dat nu in het Nederlands is verschenen. In dit leesfragment vertelt ze het verhaal van haar vriend Bruce die in de gevangenis zat omdat hij iemand had gedood. 

Ik had nooit mijn e-mail moeten checken terwijl ik op vakantie was. En zeker niet tijdens een vakantie in Fake Mexico. (Wat wij ‘Fake Mexico’ noemen ligt geografisch gezien in Mexico, maar is in werkelijkheid een zeer aangenaam vakantieoord met de naam Grand Mayan Riviera Maya.)

Het was de tweede keer dat mijn man en ik naar Fake Mexico gingen met onze vrienden Jay en Annie, die net als wij lutherse voorgangers zijn. De week na Pasen 2013 checkten we dus met z’n vieren in bij dit vakantieoord met slechts één plan: bij het zwembad liggen en strandboeken lezen. Goed voedsel eten. Een beetje rondhangen. En dan weer naar het zwembad.

Ik ben in de regel niet in slaap te krijgen, zelfs niet op vakantie in Fake Mexico. Op dag drie probeerde ik het dus niet eens meer. Ik zette mijn vroege ochtendkoffie, betaalde de 120 peso’s voor een dag wifi, ging op de limoengroene sofa zitten en opende Facebook. Ik had een bericht van een jonge voorganger met wie ik in de reisgroep had gezeten tijdens de tour door het Heilige Land. Hij schreef: ‘Ik wil graag zeker weten dat je op de hoogte bent van wat er met Bruce is gebeurd.’

Wat was er in vredesnaam gebeurd?

Dit was misschien wel het meest onaangename bericht uit mijn hele chatgeschiedenis. Wat was er in vredesnaam met Bruce gebeurd, de bisschop die ik pastorale zorg had verleend terwijl zijn vrouw op sterven lag, de man die nog maar vijf maanden geleden onze reisleider was geweest in het Heilige Land? Was hij overleden? Gewond?

Ik ging naar de Facebookpagina van Bruce en het enige wat ik daar zag was een bericht van een vriend met de woorden: ‘We hebben van het ongeluk gehoord en we bidden voor je.’

Shit. Bruce zat in de knel en ik zat in Mexico. Mijn telefoon had geen bereik. Eindelijk trof ik Nick online aan. Nick had in dezelfde kerk gewerkt als Bruce en de twee waren goede vrienden.

In een kort chatgesprek hoorde ik dat Bruce twee avonden eerder achter het stuur was gaan zitten met – zo zouden de tests later aantonen – een hoger percentage alcohol in zijn bloed dan wettelijk toegestaan is. Hij was de controle over het stuur verloren en had een tweeënveertig jaar oude moeder van drie kinderen geraakt. Zij had dit niet overleefd. En toen ik hier eenmaal achter kwam, vanuit mijn luxueuze kamer in een vakantieoord in Mexico, zat Bruce in zijn eentje in een cel; dit was een beeld dat ik niet uit mijn hoofd kon zetten. Hij zat in de gevangenis. En hij had iemand gedood.

Mijn maag draaide zich om

Normaal gesproken weet ik wel beter dan dat ik de dag nadat ik terug ben van vakantie meteen weer begin te preken, in de wetenschap dat ik al dagen van tevoren begin na te denken over de preek, maar deze keer vergat ik dat. Ik begon aan mijn preek in het vliegtuig terug naar huis.

‘Kan ik u iets te drinken aanbieden?’ vroeg de vrouw van in de zestig met haar United Airlines-uniform terwijl ze me een servetje aanbood. Een fractie van een seconde overwoog ik haar om een wodka met fris te vragen. Een krankzinnig idee voor een ex-alcoholist. Elke keer dat er een vriend overlijdt aan alcoholisme of op een andere manier te maken krijgt met de tragische gevolgen van drank, komt er een enorme walging naar dit spul in me op, terwijl ik me er tegelijkertijd weer toe aangetrokken voel.

‘Koffie. Met een beetje melk. Dank u wel.’

De evangelietekst van die zondag was het opstandingsverhaal uit Johannes, waarin de discipelen in een boot aan het vissen zijn en ze Jezus een vis zien bakken op het strand. Petrus (die had gedaan alsof hij Jezus niet kende) zwom naar hem toe. Jezus vroeg aan Petrus of hij hem liefhad en Petrus antwoordde, drie keer, met ja.

Maar mijn pogingen om me op de tekst te focussen werden keer op keer onderbroken door het beeld van mijn geliefde vriend Bruce, zittend in een gevangeniscel. Ik bleef maar denken aan hoe hij eraan toe zou zijn, vol spijt, schaamte en angst. En tegelijkertijd bleven mijn gedachten maar uitgaan naar de onschuldige vrouw die omgekomen was. Mijn maag draaide zich om toen ik nadacht over deze dieptrieste toestand.

Woorden die we kunnen lenen

Op momenten waarop we geen woorden hebben, wanneer we niet weten wat we moeten denken omdat we te veel dingen tegelijk voelen, is er altijd nog de liturgie. Dit zijn Gods woorden die door de millennia heen hebben geklonken en die namens ons kunnen spreken – woorden die we voor onszelf kunnen lenen.

Ik bleef gewoon herhalen: Kyrie eleison, Christe eleison, Kyrie Eleison. (Heer, ontferm u; Christus, ontferm u; Heer, ontferm u.) Op die vlucht van Fake Mexico terug naar Denver zat ik met de metalen sluiting van mijn stoelgordel te friemelen – open, dicht, open, dicht – en stilletjes bad ik keer op keer Kyrie eleison. Andere woorden of gedachten voldeden niet.

We zingen het elke week, het Kyrie, dat ene stukje van de christelijke mis dat nog steeds in het Grieks is. Om een of andere reden is het nooit naar het Latijn omgezet, zoals wel gebeurd is met de rest van de liturgie.

Onze ontferming is niet genoeg

Maar wat bedóelen we als we zeggen: ‘Heer, ontferm u’? Sommigen zeggen misschien dat we hiermee God vragen of hij ons niet wil straffen voor onze zonden, of hij misschien niet zijn woede en gewelddadige wraak op ons wil loslaten. En misschien zit daar wel wat in. Misschien betekent vragen om Gods ontferming wel dat we zeggen: we smeken u dat uw ontferming met ons zal zijn, omdat onze eigen ontferming niet genoeg is. We vragen u om met uw wijsheid bij ons te zijn, om met uw liefdevolle vriendelijkheid bij ons te zijn, omdat we daar zelf niet genoeg van hebben. En we blijven alles verkloten. Het lijkt alsof we vooral geneigd zijn om God hierom te smeken in situaties waarin we ons maar al te bewust zijn van onze eigen tekortkomingen en beperktheid.

Petrus begreep deze behoefte aan ontferming als geen ander. Hij was een doodnormale visser toen Jezus langsliep en zei: ‘Volg ‘m.’ Petrus liet z’n netten en alles wat hij kende vallen en volgde deze Jezus van Nazaret. En in de tijd dat hij samen met hem optrok, zag Petrus vele grote dingen. Miraculeuze wonderen, genezingen, daden van kracht en genade. Petrus was de eerste die Jezus de Messias noemde. En bovenal was hij oprecht in zijn toewijding.

En toch, toen het erop aankwam, was Petrus, zoals zovelen van ons, niet in staat om te leven volgens zijn eigen waarden en idealen. Toen het uur van Jezus’ verraad en dood kwam, bleef Petrus niet dapper aan de zijde van Jezus staan. In plaats daarvan koos hij ervoor om zichzelf anoniem bij een nabijgelegen houtskoolvuur te gaan opwarmen. Maar handen die zo koud zijn geworden, zijn niet zomaar te verwarmen. En hij bleef niet onopgemerkt, zoals hij had gehoopt. Drie keer werd hem door een voorbijganger gevraagd: ‘Wacht even, jij kent hem toch?’ En drie keer antwoordde Petrus: ‘Ik ken hem niet.’ Hij hield van Jezus, maar in het uur van Jezus’ dood ontkende Petrus zelfs dat hij hem gekend had. Hij werd getest en hij faalde. Kyrie eleison. Heer, ontferm u.

Ongefilterd berouw en zelfhaat

Als er echt klotedingen gebeuren en we toch moeten doorgaan met ons leven, is het moeilijk je te concentreren. Al deed ik nog zo mijn best om de beelden van de dode vrouw van middelbare leeftijd aan de kant van de weg en van Bruce in zijn cel uit mijn hoofd te zetten, elke keer bleven ze terugkomen, alsof mijn hersenen waren gehackt.

Maar soms is dat ene wat door mijn hoofd blijft spoken en wat ik probeer te verjagen zodat ik aan m n preek kan werken, precies waar mijn preek over moet gaan. Bruce was niet mijn afleiding van Petrus. Bruce wás Petrus.

Kon Petrus met iets anders zijn vervuld dan met ongefilterd berouw en spijt en zelfhaat? Hoe kon Petrus nog met zichzelf leven na wat hij had gedaan? Hoe vaak nadat Jezus gestorven was, speelde Petrus deze uren als een film in zijn hoofd af, tegen beter weten in wensend dat hij dit alles ongedaan kon maken? Dat hij zijn eigen verleden kon herschrijven? Dat hij de man kon zijn die hij wenste te zijn? Heer, ontferm u. Wie van ons herkent niet iets van dit gevoel?

Zou niet elke vierkante millimeter van Bruce’ cel gevuld zijn met berouw, spijt, zelfhaat en de wens dat hij terug in de tijd kon gaan en dan niet in die auto zou stappen? Kon hij het ver- leden nou maar herschrijven. Had hij dat ene vreselijk onachtzame ding die dag nou niet maar gedaan, dan zou een moeder van drie kinderen nu nog leven, dan zou haar familie haar nog thuis hebben om haar lief te hebben en haar nog jarenlang te koesteren. En dan zou Bruce niet jaren in de gevangenis hoeven te zitten, met het emotionele juk van het besef dat hij iemand van het leven had beroofd. Dan zou hij nog zijn pastoraat kunnen uitvoeren, dan zou hij nog tot hulp kunnen zijn van Palestijnse christenen, dan zou hij kunnen rouwen om zijn overleden vrouw Cynthia in het bed dat ze samen hadden gedeeld, dan had hij nog een ziekenhuis in India kunnen steunen. Dan zou hij nog steeds mensen kunnen liefhebben, waar hij zo goed in was. Maar dat ging niet gebeuren. Er zit zo veel tragedie in dit verhaal dat iedereen na de eerste ronde nog een keer zou kunnen opscheppen.

Heb je mij lief?

Bruce kan de gebeurtenissen van die 7 april 2013 niet herschrijven, en een geliefde vrouw en moeder van drie kinderen zal voorgoed gescheiden zijn van haar familie. En toch weet ik dat we ons simpelweg stevig moeten vasthouden aan het feit dat God ons kan bevrijden. Daarmee wil ik dit onuitspreekbare verlies niet bagatelliseren. Maar God is een God van Pasen. Als Petrus de zee in springt en op Jezus afgaat, die op het strand een vis staat te bakken boven een houtskoolvuur, kan ik me voorstellen dat er via die geur een herinnering aan een ander houtskoolvuur getriggerd wordt. Het verloochenen van zijn Heer en het verwarmen van zijn handen. Zijn eigen geur van schaamte.

Maar de opgestane Christus doet iets ondraaglijk liefdevols en genadigs. Hij bestraft Petrus niet omdat hij hem in de steek heeft gelaten in het uur van zijn nood. Hij gaf Petrus een ontbijt, en vervolgens gaf hij hem drie kansen om zijn liefde te uiten, één voor elk van zijn ontkenningen.

‘Heb je mij lief, Petrus?’

Kon Petrus, met de geur van houtskool in zijn neus, ooit ‘ja’ hebben gezegd zonder dat de tranen hem in de ogen sprongen? ‘Ik heb u in de steek gelaten, Heer, en ik heb u verloochend in het uur van uw nood, ondanks dat alles in m wist dat dit verkeerd was. Maar: ja. Driemaal ja. Ik heb u lief, Heer. Ontferm u over mij.’
Toen ik in het vliegtuig zat en met de sluiting van mijn gordel zat te spelen, dacht ik aan Petrus die daar op dat strand stond en zag ik Jezus samen met Bruce. Bruce, vol van schaamte en spijt, en Jezus die hem een chocoladereep overhandigt en hem driemaal vraagt: ‘Heb je mij lief?’

Bevrijding van de grootste puinhopen

Het adjectief dat zo vaak gepaard gaat met genade en ontferming is het woord teder. Maar Gods ontferming is niet teder; zij komt aan als een mokerslag. Gods genade is geen slappe, warme deken die om een dader gewikkeld wordt. Gods genade doodt het kwade en laat er iets nieuws voor opstaan. In onze schuld en spijt zouden we willen dat we ons verleden konden herschrijven. Maar wat gedaan is, kan niet ongedaan gemaakt worden.

Maar ik ben hier om te zeggen dat Gods genade bevrijding kan brengen. Ik houd me vast aan de waarheid dat God ons kan bevrijden, misschien nog wel meer dan aan elke andere waarheid. Ik moet wel. Ik kan niet anders. Ik wil het. Want als we zeggen: ‘Heer, ontferm u’, wat zouden we daar anders mee kunnen bedoelen dan dat?

Door ‘Heer, ontferm u; Christus, ontferm u; Heer, ontferm u’ te zeggen, vestigen we onze hoop op het bevrijdende werk van de God van Pasen, alsof onze levens ervan afhangen. En onze levens hangen er ook van af. Het betekent dat we Paasmensen zijn, mensen die weten dat die opstanding, vooral op de plekken en bij de mensen waar we dat het minst verwachten, de manier is waarop God de grootste puinhopen bevrijdt – die van mij, die van Petrus, die van Bruce

Afbeelding boven: uit onderstaand Youtube filmpje.


Je kunt een exemplaar van het boek winnen! Vertel hieronder wat jou zo aanspreekt in dit verhaal en je maakt kans. 


nadia bolz-weberVrijspraak voor losers – ieder mens kan zowel zondaar als heilige zijn, Nadia Bolz -Weber, Kok, € 17,99

Meer info vind je hier.

9 reacties op “Nadia Bolz-Weber: ‘Ik ben hier om te zeggen dat Gods genade bevrijding kan brengen’”

  1. Dat Petrus = Bruce = ik, dat ik loof en verloochen en soms het verschil niet merk. Achteloos aanroep. De twee houtskoolvuurtjes had ik nooit gelinkt, maar elke BBQ zal vanaf nu anders ruimen: de geur van schaamte. En ontferming!

  2. Prachtig bevrijdend ‘advies’! Het geeft een verlossend scherp inzicht en hulp aan ieder mens, elk mens maakt zulke periodes, groot of klein, van ellende en schaamte mee, door foute keuzes. Gods genade is altijd meer dan genoeg😊

  3. Tears in my eyes. Harde rauwe werkelijkheid en daarna dezelfde harde rauwe werkelijkheid in Gods handen en hart; bevrijdend verschil

  4. Tears in my eyes. Harde rauwe werkelijkheid en daarna dezelfde harde
    rauwe werkelijkheid in Gods handen en hart; bevrijdend verschil

  5. Ik ben een loser. Op heel veel vlakken. Goed en fout, oprecht en onecht, alles trekt met elkaar op. Ik wil eigenlijk wel ontdekken waar ik vrijheid nodig heb. En hoe ik nieuwe genade kan ontdekken.

  6. Dat ik in tijden van ongefilterd berouw, spijt en zelfhaat woorden van God mag lenen en daarmee in de diepe afgrond van mijn hart mij woord voor woord gedragen mag weten: Heer, ontferm u.
    Daar lees ik graag meer woorden over, als vangnet.

  7. Church of fuck up’s is een gedicht of beter spoken word dat een vriend van mij eens schreef en daar zouden we ons thuis moeten, kunnen voelen. Niemand is perfect in deze kloterige wereld waar altijd wel een fuck up op de loer ligt. Huilen opstaan en weer doorgaan in de hoop en kennis dat God je ziet en dat Jezus je zijn genade aanbied. Mooi rauw stuk en ook eerlijk. Laten we weer eerlijk worden want in de Church of Fuck ups beleiden we elkaar onze imperfectie en hierdoor kan vrede groeien.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *