Allegorie | Welkom in de bibliotheek

Waar raken theologie en maatschappij elkaar echt? Maarten Hertoghs denkt hier graag over na. Hij schreef een allegorie over de kerk die we graag met je delen.

Venster op de stad

De bibliothecaris van middelbare leeftijd staat voor een van de grote hoge ramen van de bibliotheek. De bieb staat apart aan de rand van de stad, helemaal omringd door een groot grasveld. Een lang, met kiezelstenen bedekt pad verbindt de bieb met de parking die op haar beurt via een smal weggetje naar de stadswegen looptIn een vlaag van poëtisch geweld noemt de bibliothecaris het gebouw weleens een venster op de stad. Het is vanuit de bieb dat je de stad kunt zien zoals ze is. Tenminste, zo heeft hij het altijd begrepen  

In de verte ziet hij een auto de stadsweg verlaten en met zijn ogen volgt hij de wagen op zijn tocht via het baantje naar de parking. Er stapt een echtpaar uitHij kent hen. Het zijn regelmatige bezoekers. Vriendelijke mensen, die telkens zijn advies aanhorenSoms nemen ze zijn raadgevingen aan, maar even vaak kiezen ze een ander boekGeen probleemZe zijn vrij. 

De bieb is er voor de mensen, niet andersom. De mensen die er komen, bestaan uit alle soorten en maten. Sommigen laten zich elke week zien, zoals het echtpaar dat in aantocht is. De socialere types maken een praatje met andere bezoekers. Anderen glippen anoniem naar binnen en buiten. Er zijn er die niet zo graag komen, maar het toch doen omdat ze het nuttig vinden voor hun kinderen.  

Welkom, welkom

Er is voor ieder wat wils in de bieb. Liefdesromans met een goede afloop. Felbegeerd. Ook magazines over huisinrichting, comfort en cocoonen kunnen op veel enthousiasme rekenen. Natuurlijk blijven er heel wat boeken onaangeroerd op de rekken staan. Ach, als de mensen maar lezen. Dat is het belangrijksteDat is wat de bibliothecaris altijd begrepen heeft. 

 Vlak voor het echtpaar de bieb binnenloopt, veegt de bibliothecaris zijn benige handen af aan zijn broek. Ze zweten. Niet omwille van de mensen, nee, het is een uiting van de onrust in zijn hart. ‘Welkom, welkom’, zegt hij hartelijk. Het is gemeend. Hij ziet deze mensen graag komenNatuurlijk! Hoe meer mensen in de bieb, hoe beter. Er is geen betere plaats om te zijn. Zo heeft de bibliothecaris het toch altijd begrepen. 

Terwijl hij het echtpaar enkele boeken toont, klinkt er een harde bons. Een steen tegen het raamDirect daarna nog een. De magere bibliothecaris loopnaar het venster dat uitkijkt op de stad en ziet twee mannen wegspurten. Alweer. Zo gaat het al jaren. De bibliothecaris blijft er rustig onder. Hij begrijpt het wel. De meeste mensen in de stad weten niet wat hier gebeurt. Niet verbazingwekkend dat je dan kop van jut wordt.  

Steeds vaker

Gelukkig heeft het raam het niet begeven, zegt de vrouw. Opgelucht. Haar man reageert een beetje schamper:  Ach, ze weten nauwelijks wat een boek isZe kunnen zelfs amper lezen.’ 

Niet zo negatief, liefje. We moeten hen uitnodigen. Hen lokken naar de bieb! Als ze dit leren kennen, zullen ze het begrijpen. De vrouw klinkt strijdvaardig. 

De bibliothecaris strijkt over zijn donkere baard en mompeltJa, zo heb ik het ook altijd begrepen.’ 

Het koppel vertrekt met hun boeken onder de arm. Klaar om zich in hun tweekamerflatje te laven aan al die gedrukte wijsheid. Vanachter zijn venster ziet de bibliothecaris hen gaan. Niet voor het eerst verzucht hij: ‘Was het venster maar kapot. Was er maar geen grasveld en geen smal weggetje tussen de bieb en de stad.  

Hij vraagt zich steeds vaker af hoeveel hij er echt van begrepen heeft. 


Maarten Hertoghs (1979) heeft na zijn studie aan KHK Kempen en ETF Leuven een aantal jaren als leerkracht gewerkt. Op dit moment is hij volledig in dienst van de Evangelische Christengemeente in Kuurne, België. Maarten denkt graag na over de plek van de kerk in de maatschappij. Op zijn blog schrijft hij hier regelmatig over.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *